0:00[GEZANG]
11:47[GEZANG]
11:50En de overste van de koningen der aarde.
11:53Hem die ons heeft lief gehad.
11:55En ons van onze zonden.
11:56Gewassen in zijn bloed.
11:58Die ons gemaakt heeft.
12:00Koningen en priesters scholden zijn vader.
12:02Hem zij de heerlijkheid en de kracht.
12:05Tot in de eeuwigheid.
12:07Amen.
12:09Wij gaan zingen van psalm 102.
12:12En daarvan de verse 15 en 16.
12:16Als een kleed zal te overouden.
12:19En uw...
12:20Knechten trouwe zonen zullen altoos bij u wonen.
12:24De versen 15 en 16 van Psalm 102.
12:27[GEZANG]
17:00Christlezing vindt u straks in twee kronieken.
17:04Twee kronieken en wel het twaalfde hoofdstuk.
17:07Twee kronieken twaalf.
17:09Eerst echter stellen we ons voor de spiegel van Gods heilige wet.
17:14En we zingen daarna van Psalm 119, het 84ste vers.
17:19Psalm 119, vers 84.
17:22Na de wet des Heren.
17:24Toen sprak God al deze woorden zeggende.
17:28Ik ben de Heren uw God.
17:30Die u uit Egypteland, uit het diensthuis uitgeleid heb.
17:34Gij zult geen andere gode voor mijn aangezicht hebben.
17:39Gij zult u geen gesneden beeld nog enige gelijkenis maken van hetgeen dat boven in de hemel is, nog van hetgeen dat onder op de aarde is, nog van hetgeen dat in de wateren
17:51onder de aarde is.
17:53Gij zult u voor die niet buigen, nog hen dienen, want ik de Heere uw God ben en na ijverig God, die de misdaad der vader bezoek aan de kinderen, aan het derde
18:05en aan het vierde lid dergenen die mij haten.
18:09Maar doe barmhartigheid aan duizenden dergenen die mij lief hebben en mijn geboden onderhouden.
18:16Gij zult de naam van de Heer uw God niet ijdel gebruiken, want de Heer zal niet ons schuldig houden die zijn naam ijdel gebruikt.
18:26Gedenk den sabbedag dat gij die heiligt.
18:29Zes dagen zult gearbeid en al uw werk doen, maar de zevende dag is de sabbat des Heer uw schats.
18:35Dan zult ge geen werk doen, gij nog uw zoon, nog uw dochter, nog uw dienstknecht, nog uw dienstmaagd, nog uw vee, nog uw vreemdeling die in uw poorten is.
18:44Want in zes dagen heeft de Heer de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat erin is, en hij rustte ten zevende dagen.
18:54Daarom zegende de Heer de sabbadag en heiligde dezelfde.
18:58Eer uw vader en uw moeder op dat uw dagen verlengd worden in het land, dat u de Heer uw God geeft.
19:05Gij zult niet doodslaan, gij zult niet echt breken, gij zult niet stelen, gij zult geen vals getuigenis spreken tegen uw naaste.
19:14Gij zult niet begeer uw naaste huis, gij zult niet begeer uw naaste vrouw, nog zijn dienstknecht, nog zijn dienstmaagd, nog zijn os, nog zijn ezel, nog iets dat van uw
19:26naaste is.
19:27En onze Heer Jezus Christus heeft deze wet samengevat in de volgende woorden.
19:33Gij zult lief hebben de heer uw God.
19:35Met geel uw hart.
19:36Met geel uw ziel.
19:37Met geel uw verstand.
19:38En met al uw krachten.
19:39Dit is het eerste en het grote kabot.
19:42En het tweede daaraan gelijk is.
19:44Ge zult uw naaste lief hebben als uzelf.
19:47Aan deze twee geboden hangt de ganse wet en de profeten.
19:53Amen.
19:53Het
19:54[GEZANG]
21:57tweede is dus de schriftlezing.
22:00Daar luidt nu Gods heilig en onfeilbaar woord als volgt.
22:05Het geschieden nu.
22:07Als Rehabion het koninkrijk bevestigd had en als die sterk was geworden.
22:12Dat hij de weddesheren verliet en geheel Israël met hem.
22:19Daarom geschiet het in het vijfde jaar van de koning Rehabion.
22:24Dat Shizak de koning van Egypte tegen Jeruzalem optrok.
22:30Want ze hadden overtreden tegen de heren.
22:35Met duizend en tweehonderd wagens en met zestigduizend ruiters en des volks was geen getal dat met hem kwam uit Egypte.
22:45Libiërs, sechieten en moeren.
22:48En hij nam de vaste steden in die Juda had en kwam tot Jeruzalem toe.
22:54Toen kwam Samaja de profeet tot Rehabion.
22:58En de oversten van Juda die te Jeruzalem verzameld waren uit oorzaak van Sizaak.
23:03En hij zei tot hen al, zo zegt de neer, je hebt mij verlaten.
23:07Daarom heb ik ook u verlaten in de hand van Sizaak.
23:11Toen verootmoedigden zich de oversten van Israël en de koning.
23:16En ze zeiden, de neer is rechtvaardig.
23:19Als nu de heren zag dat zij zich verootmoedigden.
23:24Geschiederd worden de heren tot Samaja zeggende, ze hebben zich verootmoedigd.
23:29Ik zal hen niet verderven.
23:32Maar ik zal een in het kort ontkoming geven.
23:35Dat mijn grimmigheid over Jeruzalem door de hand van Sizaak niet zal uitgegoten worden.
23:41Maar ze zullen hem tot knecht te zijn.
23:45Opdat ze onderkennen mijn dienst.
23:48En de dienst van de koninkrijken der landen.
23:52Zo toog Sizaak de koning van Egypte op tegen Jeruzalem.
23:56En hij nam de schatten van het huis des heren.
23:58En de schatten van het huis des konings weg.
24:01En hij nam alles weg.
24:03Hij nam ook de gouden schilder weg die Salomo gemaakt had.
24:06En de koning Rehabia maakte in plaats van die koperen schilder.
24:11En hij beval die onder de hand van de overste der trawanten.
24:15Die de deuren van het huis des konings bewaarde.
24:19En het geschiedde zo wanneer de koning in het huis des ere ging.
24:23Dat de trawanten kwamen en die droegen en die wederbracht in der trawanten wachtkamer.
24:30En als hij zich veroodmoedigde keerde de toren des heren van hem af.
24:35Opdat hij hem niet ten uiterste toe verdierf.
24:38Ook waren in Juda nog goede dingen.
24:42Zo versterkte zich de koning Rehabian.
24:46Want Rehabian was 41 jaar oud als hij koning werd.
24:49En hij regeerde 17 jaar te Jeruzalem.
24:52De stad die de neer uit alle stammen Israëls had verkoren.
24:56Om zijn naam daar te zetten.
24:58En zijn moedersnaam was Naama, een ammonitische.
25:01En hij deed wat kwaad was.
25:04Omdat hij zijn hart niet richtte om de neren te zoeken.
25:07De geschiedenissen nu van Rehabiam, de eerste en de laatste.
25:12Zijn die niet geschreven in de woorden van Samaya, de profeet en Ido de ziener.
25:19Verhalen de geslachtsregisters.
25:21Daartoe de koningen, de krijgen van Rehabiam en Jeroboam in al hun dagen.
25:26Rehabiam ontsliep met zijn vaderen en werd begraven in de stad van David.
25:31En zijn zoon Abia werd koning in zijn plaats.
25:37Tot zover de schriftlezing.
25:41Wij zoeken Gods heilig aangezicht in gebed.
25:45We willen voorbeden doen voor Nadine Grimwis, volgerblok 18.
25:50Heren, mag dank gezegd worden dat de hartoperatie van afgelopen maandag geslaagd is.
25:57Maar we doen ook voorbeden omdat er nog wel zorgen zijn om haar gezondheid.
26:01En ook voorbeden met het oog op de kerkraadsvergadering van morgenavond.
26:06Laat ons bidden.
26:10O levende, waarachtige en eeuwige God.
26:15Uit wie, door wie en tot wie alle dingen zijn.
26:20U bent onze schepper en maker.
26:24Wij zijn van u afhankelijk.
26:29Ieder mens is van u afhankelijk, ook al beseft hij dat niet.
26:33Maar sinds de zonde valt, staan we ook bij u in de schuld.
26:38Wie zal een reine voortbrengen uit een onreine?
26:42Onze zonden maken ons het voorwerp van uw toren.
26:46Reeds van het uur van ons ontvangenis af.
26:49En daarom wie we ook zijn, heren.
26:54Van het kleinste kind tot de oudste.
26:57We hebben verzoening nodig met u door het bloed van Christus.
27:01Het is voor ons nodig dat we wedergeboren worden door uw geest.
27:07En dan naderen we tot uw vader van alle barmhartigheid.
27:11In en door uw zoon Jezus Christus.
27:13Die gij naar deze wereld zond om zondaren te redden.
27:18Die zijn bloed gaf tot een losprijs voor velen.
27:22Die gestorven is maar wat meer is die de dood overwon.
27:26En zit daar nu rechterhand.
27:29Heere, dat het u toch mag behagen uw zoon in ons te openbaren als dat nog niet is geschiet.
27:35En als we hem reeds mogen kennen dat we nog zwaarder op hem gaan leunen.
27:40Want alleen bekleed met zijn gerechtigheid.
27:44Dat we mogen weten wat hij deed is op mijn naam gezet.
27:48Kunnen we u zonder vrees ontmoeten.
27:52Heere, geef dat we ook aan Christus gelijkvormig worden gemaakt.
27:59En meer.
27:59En dan moet het toch.
28:00De heiligste nog klagen met een apostel Paulus.
28:04Ik ellendig mens.
28:06Wie zal mij verlossen van het lichaam deze duits.
28:10Geef dat we geen olie maar water gooien.
28:14Op het vuur van zondige begeerts.
28:18Die we allemaal hebben.
28:19En geef dat wij niet aan toegeven maar tegen strijden.
28:23Door de kracht van uw geest.
28:25En als er heimwee is naar u.
28:27Dat we.
28:29Op dat vuur van heimwee naar u olie gieten.
28:33Heren, dan wilt u toch ook uw zegen geven over het gebruik van de middelen.
28:39En dan mogen we als gemeente nu tweemaal op uw dag bij elkaar komen deze morgenddienst en vanavond opnieuw.
28:49U weet van noden, van zorgen, wat er speelt in gezinnen, wat anderen weten en wat anderen niet weten of slechts een enkeling weet.
28:59Ga je aan schoud moed en verdriet omdat we het in uw handen leggen.
29:03We dragen nadien een grimwis aan u op.
29:06We zeggen u grote naam dank dat de hatoperatie die zonder ging mocht slagen.
29:11Maar er zijn nog zorgen.
29:13Heren, wil u toch alles wel maken.
29:16Boven ons bidden en boven ons denken.
29:22Wees alle leden van deze gemeente nabij.
29:25We staan allemaal in het ambt aller gelovigen.
29:29Of het besef of niet.
29:30Dat is niet een ambt dat we kunnen neerleggen.
29:34Zelfs als we de kerk zouden verlaten.
29:37Dan blijft het waar.
29:38We zijn gedoopt.
29:40En daar worden we eenmaal voor uw rechterstoel op aangesproken.
29:44Wat zou dat ontzagwekkend zijn.
29:47Wel gedoopt met water.
29:49Maar ons nooit laten dopen met uw geest.
29:53Heren, vervul ons met uw geest.
29:56Gedenk de broeders der kerkraad die morgen in vergadering bij elkaar komen.
30:00Die hebben een bijzondere taak.
30:03Heere gedenk dominee van de Kampenhof die zich tegen het einde van de zomer aan deze gemeente hoopt te verbinden.
30:10Zegen zijn bediening.
30:13Zegen ook het werk van kandidaat Kooiman in deze gemeente.
30:20Verbind uw zegen over het christelijk onderwijs.
30:25Ook het basisonderwijs dat hier in Oudorp zelf mag worden gegeven.
30:29In Nederland mag er nog onderwijs gegeven worden met een geopende Bijbel.
30:34Hoewel er grote druk is ook vanuit de overheid en al helemaal vanuit de samenleving.
30:40Om dat te doen met een halve open Bijbel.
30:43Geef dat we daar niet in meegaan.
30:46Dat we als kerk getrouw zijn.
30:49Heren dat we doen wat u van ons vraagt om te doen.
30:54En dat geldt niet alleen voor de scholen, maar ook voor de kerken.
30:57Want de wetgeving, die wordt zo dat het christenen moeilijker wordt gemaakt.
31:04Dat het signaal wordt afgegeven, zwijg op bepaalde terreinen.
31:10Heren, dat we vrijmoedig voor u en uw naam uitkomen, voor uw geboden.
31:17Gegeven zijn op dat we als gevallen zondaren van schuld overtuigd worden.
31:22Maar ook als we verenigd zijn met Christus.
31:24Om die te doen uit dankbaarheid.
31:27We bidden u voor getrouwe predikers.
31:31En dan niet alleen...
31:33Binnen de kring waarin wij ons begeven.
31:35Maar in alle brokstukken van uw kerk.
31:37Geeft dat uw woord recht verkondigd mag worden.
31:40In alle kerken hier op Oudorp.
31:42Dat uw zegen eraan verbonden wordt.
31:44In de kerk hier op het eiland.
31:47Dan geldt toch persoonlijk en kerkelijk zegen onderen.
31:51Maar ook mij.
31:53Zie zo op ons neer heren.
31:55Boven ons bidden en denken.
31:57Maak het wel.
31:58Alleen om Jezus wil.
32:00Amen.
32:02Ik wil uw aandacht vragen.
32:04Voor twee Korinther 12, twee Kronieken 12.
32:09En daar van het twaalfde vers en wel van het twaalfde vers de laatste woorden.
32:15Twee Kronieken 12 vers 12 en dan de laatste woorden van dat vers.
32:20Dan lezen we dan in godsheilig en onfaalbaar woord het volgende.
32:24Ook waren er in Juda nog goede dingen.
32:29En dan ga ik het hebben over die goede dingen in Juda.
32:33Allereerst wat die goede dingen zijn.
32:37Vervolgens waarmee het zicht op die goede dingen altijd is verbonden.
32:42En tenslotte waarom het zo bemoedigend is dat er nog goede dingen in Juda zijn of in Juda waren.
32:49Dus de goede dingen die er in Juda waren.
32:53Allereerst wat die goede dingen waren.
32:55Vervolgens waarmee het zicht erop verbonden was.
32:59En vervolgens waarom het zo bemoedigend was dat er nog goede dingen in Juda waren.
33:05De
33:08afkondigingen.
33:11Woensdagavond zal er een kerkdienst worden gehouden.
33:13In deze dienst hoop ik zelf voor te gaan aanvangen.
33:18Vanavond gaat het over het vierde gebod.
33:21En daar staat onder andere in de katechismes dat we in zonderheid op de Sabbat naastig samenkomen.
33:28Maar dat staat niet uitsluitend.
33:29En ik zei het nog net tegen de broeder der kerkraad.
33:34In Engeland kan je gevraagd worden.
33:37Do you have a midweek service?
33:40Hebben jullie een doordeweekse dienst?
33:42En als je dat zegt niet elke week, dan vinden ze dat al vreemd.
33:46Hoort elke week zeggen ze dat nou.
33:49Vertrouwen om het woord te komen en dat de heren honger mag geven.
33:52Volgende week zondag zal de kerk vol dijkcollecten...
33:56speciale doelcollecten zijn in verband met de overkomst van dominee Van den Kamp.
34:00Meer informatie over de doelcollecten...
34:03vindt u in de komende kerkbode via de Schiepejoep.
34:08Aanstaande zaterdag is er de jaarlijkse zomermarkt...
34:11van 9 tot 3 de markt wordt gehouden bij kwekerij Aleman, Westerweg 21.
34:16De collectus, de eerste voor het pastoraat, de tweede voor de kerkvoldij, de derde aflossen kerk van harte aanbevolen.
34:22En we gaan nu zingen van psalm 85 en wel daarvan de verse 2
34:32en 3.
34:33Gij hebt uw land, o Heer, die gunst betoond dat Jacob zaad opnieuw in vrijheid woont.
34:42En wat er verder volgt in de verse 1, 2 en 3 van psalm 85.
34:47[GEZANG]
42:54Als iemand op straat zou vragen, hoe ervaart u nou deze tijd?
42:59Hoe ervaar jij nou deze tijd?
43:01Dan weet je wel zeker dat je hoort, het is een hele verwarrende tijd.
43:06Het is een onzekere tijd.
43:09Als je kijkt naar het internationale gebeuren, waar gaat dat allemaal heen?
43:14Maar ook in Nederland zelf veel polarisatie.
43:19Allerlei zaken die spelen.
43:22En politici weten feitelijk niet hoe ze het aan moeten pakken.
43:26Durven het niet aan te pakken.
43:29En hoe staat het dan binnen de kerken?
43:34En dan moeten we zeggen, binnen de kerken is ook veel verwarring.
43:42Je kan bepaald niet zeggen waar je ook de kerk binnen loopt.
43:47Daar hoor je een heldere prediking.
43:50De kerk is verbrokkeld en verdeeld.
43:55Er zijn meerdere kerkverbanden.
43:57Maar als we dat nog laten liggen.
44:00Binnen eenzelfde kerkelijke kring.
44:04En dan kunnen we bij onszelf beginnen.
44:08Klinken tegen strijdige geluiden.
44:12En je kan niet zeggen.
44:17Wat zijn gemeentes toch.
44:19In het algemeen gesproken.
44:22Echt een stad op een berg.
44:24En een licht op een kandelaar.
44:26Dat zou.
44:28veel meer het geval moeten zijn.
44:32Maar hoe moeten wij dan in deze tijd staan?
44:37Ik kan me zo voorstellen als jonge mensen deze dingen horen...
44:41dat ze het gevoel zouden krijgen...
44:44dus we moeten alle moed maar laten zakken.
44:46Dat is juist niet de bedoeling.
44:50Want wat er ook veranderd is in de loop der jaar...
44:54wat er ook veranderd is sinds...
45:00De dagen van Rehabiam.
45:02Voor die tijd gaan we het hebben.
45:03Weet je wie er niet veranderd is?
45:05God zelf.
45:08En het woord dat hij ons gegeven heeft.
45:12Houdt stand in eeuwigheid.
45:15Dan citeer ik het tuteliet.
45:17En zal geen duim breed wijken.
45:22Wij moeten de inzichten van mensen.
45:25Ook als het God vrezende mensen zijn.
45:29Toetsen aan het woord van God.
45:32Toen ik nog les gaf in Amsterdam zei ik altijd tegen studenten.
45:36Ook als het gaat om goede boeken.
45:40Je moet ze kritisch lezen.
45:43Er is maar één boek wat je niet kritisch hoeft te lezen.
45:47En dat is het woord van God.
45:49Dat is het einde van alle tegenspraak.
45:53We moeten het biddend lezen.
45:55We mogen allerlei hulpmiddelen gebruiken om het beter te gaan begrijpen.
46:00Maar het woord van God.
46:02Is het eind van alle tegenspraak.
46:05We kunnen niet zeggen.
46:06Ja maar dat woord van God moet bijgesteld worden.
46:09Dat is verouderd.
46:12Nee het woord Gods verouderd niet voor alle duidelijkheid.
46:15De taal van een vertaling kan natuurlijk soms wel bijgesteld moeten worden.
46:19Maar dat is een ander verhaal.
46:21Maar het woord van God zelf verouderd niet.
46:27En nadenkend over deze tijd kwam ik terecht.
46:32Bij twee kronieken 12 vers 12 de laatste woorden.
46:36Ook waren in Juda nog goede dingen.
46:44In welk verband staat dat?
46:46Nou als je de regering van Rehabian vergeleek met die van David.
46:52En ook met die van zijn vader Salomo.
46:56Dan was er een groot verschil.
47:00Dan was het er niet op vooruit gegaan.
47:05Economisch niet.
47:07Dan was de regering van Salomo echt het absolute hoogtepunt.
47:12Zo is het nooit meer geworden.
47:17Maar een mens zal bij brood alleen niet leven.
47:20Geestelijk was het verval al onder Salomo begonnen.
47:25En dat heeft zich doorgezet onder Eabia.
47:29Het was bepaald niet als in de dagen van David.
47:33En toch...
47:35Waren er ook in die tijd nog goede dingen in Juda?
47:43Voor ik daarop heen ga.
47:46Voor ik ga vertellen wat die goede dingen zijn.
47:50Waarmee het zicht op die goede dingen altijd is verbonden.
47:57En waartoe het zicht op die goede dingen mag leiden.
48:02Eerst iets over het boek Kronik.
48:05U zegt boek, zijn er toch twee?
48:08Jawel, maar feitelijk is het één boek.
48:11Geldt net als met Samuel en met koningen.
48:15In alle drie gevallen één boek.
48:17Vanwege de lengte zijn die boeken in twee delen gesplitst.
48:24En dan is het boek chronieke feitelijk, als je de geslachtsregisters meeneemt.
48:29Een hervertelling, een genesis tot en met koning.
48:35Ook al van genesis, ja.
48:38Want het eerste boek in één chroniek is Adam.
48:40Het begint bij Adam.
48:42Maar als we de geslachtsregisters buiten beschouwing laten, dan moet je zeggen het is een hervertelling van Samuel en koningen.
48:51Met zaken die in Samuel en koningen niet vermeld staan.
48:58Denk aan het eind, dat
49:01wordt in twee koningen niet vermeld aan het eind, maar in twee kronieken wel.
49:06Dat Syrisch, de Persische vorst Syrisch, de Joodse ballingen verlof geeft.
49:14Terug te keren naar het land der vaderen.
49:17En als het boek Kroniken op schrift gesteld wordt.
49:22Dan is dat gebeurd.
49:24Dan staat er weer een tempel.
49:27En weet je wat dan opvalt in het boek Kroniken?
49:30Op die tempeldienst valt bij het beschrijven van de geschiedenis van Israël.
49:36Alle nadelen.
49:38Trouwens.
49:40Na de scheuring van het Rijk.
49:42Dat weten we toch wel.
49:44Die onder Rehabian plaatsvond.
49:48Als het Rijk uiteenvalt in een tienstammenrijk en een tweestammenrijk.
49:52In het boek Kroniken lees je alleen maar over het tweestammenrijk.
49:56Tienstammenrijk doet niet mee.
49:58In Koningen wel, in Kroniken niet.
50:01Alleen het tweestammenrijk telt.
50:04Waarom?
50:04Daar stond een tempel.
50:06In Jeruzalem.
50:07En daar regeerde een voorstuiver tot huis van David.
50:15Nou, toen het boek Kroniken op schrift gesteld werd, was er wel weer een tempel.
50:21Maar er regeerde nog geen vorst uit huis van David.
50:27Ongetwijfeld valt de schrijver van Kroniek ook aan zijn eigen dagen gedacht te hebben.
50:33Toen hij neerschreef, in de dagen van Rehabeam, waren er nog goede dingen in Juda.
50:44Onder Rehabeam, het was zijn eigen schuld,
50:47begon toen hij aantrot, viel het twaalfstammerrijk uiteen in twee delen.
50:55En goed en wel had hij de zaak op orde.
50:58Nog niks geleerd.
50:59Hij
51:01en het ganse Israël wijken van de wedder zeer af.
51:06En wat gebeurt er dan?
51:08Dan trekt de
51:13faro van Egypte, Shizak, op tegen de vaste steden van Juda.
51:19Hij neemt zin.
51:20Hij
51:22gaat Jeruzalem belegeren.
51:24En
51:26dan is er een profeetse maja.
51:29En die geeft aan wat een oorzaak is.
51:34In naam van God zegt hij, al zo zegt de Heer, ik heb mij verlaten.
51:38Daarom heb ik u verlaat in de hand van Sizaak.
51:42En dan vindt er veruitmoediging plaats.
51:47Dan wordt de toren van God niet over Jeruzalem uitgegoten.
51:51Weet je wat er wel gebeurt?
51:56Sizaak krijgt de schatten mee uit het huis des heren.
51:59Uit het huis des konings.
52:02Heb je dat natuurlijk allemaal geweten.
52:04Hoe rijk
52:06Juda wel was.
52:08Welke schatten erin.
52:10Jeruzalem waren te vinden.
52:11Dat wil ik hebben.
52:12Dat wil ik hebben.
52:13Zo heeft hij dat gedaan.
52:15De gouden schilder die de lijfwacht van Salem ontdroeg.
52:19Wil je die ook mee hebben?
52:21R.E.H.B.O.M.
52:23Heeft ze door koperen schilder laten vervangen.
52:28Ik vermoed al staat het er niet meer zoveel woorden.
52:32Dat Sizaak Jeruzalem niet heeft ingenomen.
52:36Maar zich voor een gigantisch bedrag heeft laten afkopen.
52:42En dat hij behoorlijk goed wist wat er allemaal in Jeruzalem te halen was.
52:51En dan staat er toch dit woord.
52:55Er waren goede dingen in Juda.
53:00Wat zijn die goede dingen?
53:02Dat is mijn eerste gedachte.
53:04Mij wordt wel eens gevraagd.
53:06Dominee, hoe bereidt u uit een preekvoer?
53:09Ik zou het nog meer moeten doen.
53:11Maar allereerst bidden.
53:14Schrift met schrift vergelijkend.
53:18En dan gebruik ik hulpmiddelen.
53:20Meer dan één.
53:22En dan noem ik een paar hulpmiddelen die u ook kan gebruiken.
53:27Ook al leest u de Bijbel niet in de brontalen.
53:30Dan lees ik de Bijbel in het Hebreus als het over het Oude Testament gaat.
53:34En over het Nieuwe Testament in het Grieks.
53:38Maar dan noem ik hulpmiddelen, u kan ze ook gebruiken, kanttekeningen van de Statenvertaling.
53:44Het Bijbelcommentaar van Messieuw Henry.
53:47En sinds een aantal jaren is er een Nederlandse vertaling van het Bijbelcommentaar van Thomas Scott.
53:55En u kunt het, van de kanttekeningen neem ik aan dat u een Bijbel met kanttekeningen hebt.
54:02Of u Henry in huis hebt op Thomas Scott, ik weet het niet, maar heb u het wel in huis, kan u thuis controleren.
54:09Ik heb eens nagekeken wat zeggen de kanttekeningen ervan.
54:12Wat zegt Henry ervan.
54:14Wat zegt Scott ervan.
54:16Ze komen allemaal met dezelfde zaken.
54:18Hier en daar een heel klein verschilletje.
54:20Weet je wat ze allemaal noemen?
54:22Beginnen ze mee.
54:24De weddesheren was er nog.
54:27En dan wordt met de weddesheren het woord van God genoemd.
54:30Bedoeld.
54:31In de gestalte die het toen had.
54:34De vijf boeken van Mozes.
54:35Dat is wet en evangelie.
54:38Want bij wet.
54:39Gaat het om onderwijs.
54:42Het woord wat de staten vertalend met wet hebben vertraald.
54:46Kan je ook met onderwijs vertalen.
54:47Het onderwijs des Heren was er nog.
54:49Zwart op wit gegeven.
54:51In de vijf boeken van Mozes.
54:53En wij mogen zeggen in de boeken van het Oude en Nieuwe Testament.
54:57Want telkens zal ik van de uitleg naar de toepassing gaan.
55:00Wat er ook veranderd was.
55:03Sinds Salomo gestorven was.
55:06En Rehabeam aan de macht was gekomen.
55:09Het woord van God was er nog.
55:11En weet je wat de psalmister mag dichten?
55:14Uw woord kan mij, of schoon ik alles mis, door zijn smaak en uit zijn zinnen strelen.
55:21Het kan zijn dat
55:24in de kerk het woord niet helder klinkt, niet helder wordt uitgelegd.
55:30Dat je in een gebied woont, waar moet je naar de kerk?
55:35En dat het toch zo is, gelukkig hebben we de Bijbel nog.
55:38Uw woord kan mij of schoon ik alles mis.
55:42Door zijn smaak en hart en zinnen strelen.
55:46Maar dat noemen de statenvertalers in hun kanttekening.
55:52Dat noemen ook Henry en Scott.
55:55Er waren nog profeten.
55:58Semaia was er nog.
56:00Die had het volk opgeroepen tot bekering.
56:06En nou kan je niet zeggen.
56:09Alle predikanten die er in Nederland zijn.
56:13Die brengen de boodschap van schuld en vrijspraak van zonde en genade.
56:18Als dat waar zou zijn, dan zag het er in de Nederlandse kerk anders uit.
56:24Maar je kan even min zeggen, waar je ook in Nederland woont, waar je ook naar de kerk gaat, dan kom je er al gauw achter.
56:35Dat hoor je nou helemaal en helemaal nergens meer.
56:41Nee, dan zijn er...
56:43Gelukkig nog in Nederland getrouwe predikers.
56:48De een kan het breder ontvouwen dan de ander.
56:52Dat is wel waar.
56:54De een heeft meer gaven dan de ander.
56:57Dat is al helemaal het geval.
57:01Nou zijn gaven niet het allerbelangrijkste.
57:05De een is dieper geleid dan de ander.
57:09Maar dan denk ik aan een woord van Rijl.
57:12Dat was de eerste Anglikaanse bischop van Liverpool, een overtuigde protestant.
57:17Die zei, je mag niet daar naar de kerk gaan.
57:2252 zondagen per jaar, je ziel wordt vergiftigd, dat mag niet.
57:27Maar dan zegt hij ook, een gebrekkige prediking is nog geen valse prediking.
57:34In Nederland heb je thuislezers, nou is er ook verschil tussen.
57:38De een is wat gematigder dan de ander.
57:43En het komt niet meer zoveel voor als vroeger.
57:46Maar thuis lezen de meestal in dit standpunt.
57:50Er zijn in Nederland geen geroepen knechten meer.
57:53En daar stelt de vormde kerk niet in de gereformeerde gemeente.
57:56Niet in de oud-gereformeerde kerk.
57:57Niet in de gereformeerde gemeente Nederland.
57:59Het is er gewoon niet meer.
58:00Dat is het standpunt van een groot aantal thuislezers.
58:04Het is in Nederland niet meer te vinden.
58:09En dan leest men thuis de Puritijnen, de mannen van de Nadere Reformatie.
58:15Want in die boeken kan je nog lezen hoe het zit.
58:19Wel, het lezen van Puritijnen en mannen van de Nadere Reformatie kan ik alleen maar aanbevelen.
58:26Maar het stond me tot in Nederland geen geroepen knecht te zijn.
58:32Dat wijs ik nadrukkelijk van de hand.
58:37Zolang Christus zijn kerk regeert.
58:42Zal hij wereldwijd zijn dienaren uitzenden.
58:46En dan vind ik geen enkele grond voor de gedachte.
58:50Dat gebeurt in Nederland niet meer.
58:53Wat je wel mag vragen en moet vragen.
58:56Heren stoot toch arbeiders uit in die wijngaard.
59:00Dat mag je wel vragen.
59:02En geeft dat de predikers stier zijn helder blijven preken.
59:07Dat ze niet verachter in de genade maar toenemen.
59:12En ja dat is ook waar.
59:16Mede op het gebed van gemeenteleden.
59:19Daar levert de kerkgeschiedenis.
59:22Meerdere voorbeelden van zijn onbekeerde dominees.
59:25Tot bekering gekomen.
59:27Niet het was helemaal gebeurd.
59:29Nee de neren bekeerde dominees.
59:34Zo waren er nog goede dingen in Juda.
59:39En die zijn er gelukkig ook nog in Nederland.
59:44De statenvertralers noemen dat niet.
59:47Scott noemt het wel.
59:50Godvruchtige gezinnen.
59:52Daar merk je, die Scott is een leerling van de Puritijnen.
59:56Die hebben erg de nadruk gelegd op wat we noemen huisgodsdienstoefeningen.
1:00:02Er waren nog gezinnen, er werd uit de Bijbel gelezen, zouden we in onze woorden zeggen.
1:00:10Een vader ging hardop voor in gebed.
1:00:14En als vader niet thuis was, ging een moeder hardop voor in gebed.
1:00:20Zulke gezinnen waren er nog in Juda.
1:00:25Gezinnen, psalmen werden gezongen.
1:00:28Dat gebeurt veel te weinig.
1:00:31Men hoort de vrome tent weer galmen van hulp en eil ons aangebracht.
1:00:36En
1:00:38als we het niet gewend zijn, al de dingen die ik nou noem, veranderen de dingen.
1:00:42Dat gezinnen kleine kerken mogen zijn.
1:00:48Ten slotte.
1:00:50Er waren nog godvruchtige personen in Israël.
1:00:54Je kon niet zeggen, waar je ook in je daar bent, een kind van God, kom je nergens meer tegen.
1:01:01Je vindt ze niet meer.
1:01:05Nee, dat was anders.
1:01:07En ook in Nederland zijn nog kinderen van God.
1:01:13Soms kom je ze nauwelijks tegen, waar je dacht, daar zal ik er heel wat tegenkomen.
1:01:19Maar het kan ook gebeuren, je komt er een tegen.
1:01:24Dat zou hij nou nooit gedacht hebben.
1:01:28Dat zou hij nou nooit gedacht hebben.
1:01:31Daar kan ik voorbeelden van noemen.
1:01:33Ik zal het maar niet doen.
1:01:35Mensen die onder een wel hele magere prediking opgaan.
1:01:40En ik zeg niet dat dat goed is.
1:01:43En die toch, dat kan je moeilijk ontkennen, onmogelijk ontkennen.
1:01:48De kenmerken vertonen van de kinderen van God.
1:01:52Die als iets ze vraagt.
1:01:54Kunnen vertellen hoe ze getrokken zijn.
1:01:56Uit de duisternis.
1:01:58Tot Gods wonderbare licht.
1:02:01Dat hij hen daar niet verwacht.
1:02:03En toch is het zo.
1:02:05Dat zijn dingen die gelukkig in Nederland nog het geval zijn.
1:02:10Ook nu we leven bepaald niet in een bloeitijd.
1:02:12Maar er zijn nog goede dingen.
1:02:14Niet in een bloeitijd.
1:02:15Ik zeg niet dat toen ik jong was er een bloeitijd was.
1:02:19Maar toen.
1:02:21We kunnen het ons nu niet meer voorstellen.
1:02:23Gaan we even naar de politiek.
1:02:26Ongeveer de helft van de parlementariërs, iets minder, iets meer, in mijn jeugd, behoorden tot één van de confessionele partijen.
1:02:35Ongeveer de helft.
1:02:38Dat is nu volstrekt anders.
1:02:42Volstrekt anders.
1:02:43Je komt niet boven de twintig, denk ik, inmiddels.
1:02:45Er zit het CDA erbij, en dat is eigenlijk geen christelijke partij meer.
1:02:50Dus eigenlijk zit je maar op een stuk of zes.
1:02:54Eigenlijk zit je maar op een stuk of zes.
1:02:56En toen waren het er vijf, zes en zeventien.
1:02:59Dus er is heel wat veranderd.
1:03:01Er is heel wat veranderd.
1:03:04Kerkelijk ook.
1:03:07Toen was er nog veel meer kerkgang dan nu.
1:03:11Het is er een grote teruggang.
1:03:15En toch, we kunnen niet zeggen...
1:03:18de heren heeft Nederland helemaal aan zichzelf overgegeven.
1:03:24Helaas.
1:03:25Nog altijd...
1:03:27Keren meer mensen de kerk de rug toe.
1:03:31Dan er zich mensen bij de kerk voegen.
1:03:34En toch lees je het wel eens.
1:03:37Iemand die nergens aan deed.
1:03:40En die onrustig werd.
1:03:43Een leegtevoer.
1:03:45Op zoek ging.
1:03:48Vast.
1:03:48God
1:03:50getrokken werd.
1:03:52Dan mogen we wel vragen of dat meegeschiet.
1:03:54Want ik las pas in de krant.
1:03:56Dat wij als een van de weinige kerken gegroeid zijn.
1:04:00Maar als je de zaken goed bekijkt, is dat helemaal niet waar.
1:04:03Ook wij gaan getalsmatig achteruit.
1:04:06Ja, we groeien omdat er heel wat mensen uit andere kerken tot ons overkomen.
1:04:11Maar ook onder ons keren er meer mensen de kerk de rug toe...
1:04:18dan dat er mensen vanuit de wereld tot ons toetreden die groeien...
1:04:24is eigenlijk voor een groot deel schijn.
1:04:27Er zijn mensen die een kerelke overstap maken.
1:04:29Misschien dat je het soms kan begrijpen.
1:04:31In het andere geval kan je het wat minder begrijpen.
1:04:34Ik zeg dat maar.
1:04:36We moeten niet zelf genoegzaam worden.
1:04:39En als we het zijn, moet dat veranderen.
1:04:42Maar dit blijft gelukkig dan ook nog waar.
1:04:45Er zijn ook onder ons, en als je het breder neemt in Nederland, nog goede dingen.
1:04:50Het woord is er nog.
1:04:52In meerdere kringen zijn er nog predikers die getrouw zijn.
1:04:56Er zijn nog gezinnen waar God gediend wordt.
1:04:59Er zijn nog kinderen van God.
1:05:02En dan weten wij niet met onfeilbare zekerheid wie het zijn.
1:05:07Maar een bom wordt als een vruchten gekend.
1:05:09En de spraak maakt een mens openbaar.
1:05:13Waarmee was dat zicht op die goede dingen nou verbonden?
1:05:18Wel, dan lezen we al Semaja.
1:05:22De oorzaak van al die toestanden genoemd had.
1:05:26Van het feit dat Sijzak optrok tegen Juda en Jeruzalem.
1:05:30Dat dat het verlaten van de neren was.
1:05:33En toen heeft men zich verootmoedigd.
1:05:38Ja lees je het vervolg bij Rehabiam.
1:05:41Dan is het bij Rehabiam zelf niet echt zo diep geweest.
1:05:47Maar we mogen er zeker van zijn bij anderen is dieper gegaan.
1:05:54Zicht op goede dingen.
1:05:56Is ze nooit zonder veruitmoediging.
1:06:00Dan vinden we het geen vanzelfsprekende zaak.
1:06:04Dat wij het evangelie mogen horen.
1:06:09Geen vanzelfsprekende zaak.
1:06:12Als we een predikant hebben.
1:06:14Of krijgen.
1:06:16Die ons het evangelie van genade mag verkondigen.
1:06:21Daar zeggen we niet.
1:06:23We hebben altijd goede dominees gehad.
1:06:25Die van ons zijn goed.
1:06:27Dan gaat het al mis.
1:06:29Dan gaat het al helemaal mis.
1:06:34Het moet zo zijn.
1:06:35De Heere heeft ons weer een getrouwe prediker gegeven.
1:06:41En we bidden of die het mag blijven.
1:06:43En we bidden of die nog mag toenemen.
1:06:47Dat moet je altijd doen.
1:06:49Dat moet een predikant zelf ook doen.
1:06:52Houdt gij mijn handen beide met kracht omvat.
1:06:55Dat moeten we allemaal bidden.
1:06:57Dat moet ik als dominee niet minder bidden.
1:06:59Ik moet het eerlijk gezegd dubbel bidden.
1:07:02Houdt gij mijn handen beide met kracht om wat.
1:07:05En richt gij toch mijn voet op het smalle bad.
1:07:10Veruitmoediging.
1:07:12Zonder veruitmoediging krijgen we ook geen zicht op de betekenis van onze duip.
1:07:18Heb
1:07:21ik trouwens vergeten te noemen.
1:07:24Weet je wat de statenvertalers ook noemen als het gaat over de goede dingen, de besnijdenis.
1:07:30De besnijdings was er nog.
1:07:33Heb ik vergeten te noemen.
1:07:36Nou, dan zijn er mensen die zich op volwassen leeftijd laten dopen.
1:07:40En dat bedoel ik niet overdopen, want dat is verdrietig genoeg.
1:07:43Nee, mensen uit de wereld.
1:07:44Dat is verblijdend.
1:07:46We zouden moeten wensen dat er veel meer doopdiensten van volwassenen waren in ons midden.
1:07:52Ik heb in mijn ambtelijke bediening een aantal malen volwassenen mogen dopen.
1:07:58Maar in de meeste gevallen kinderen.
1:08:00Is dat wel juist?
1:08:02Dat wordt inmiddels wel betwijfeld.
1:08:04Dat is bijbels.
1:08:06Onder de oude bedeling werden de jongetjes besneden.
1:08:09De meisjes waren de jongens inbegrepen.
1:08:11Ook de kinderen horen bij het verbond.
1:08:13Dan breekt het nieuwe verbond aan.
1:08:16Dat mag ook te heidenen gelden.
1:08:18Maar dan is het niet zo dat erbij staat in het Nieuwe Testament.
1:08:22Begrijp het goed.
1:08:23Nou valt het niet langer voor de kinderen.
1:08:25Want dan kan een baptist zeggen, waar staat in het Nieuwe Testament dat kinderen gedoopt moeten worden?
1:08:31Je kan het ook omdraaien.
1:08:32Waar staat in het Nieuwe Testament dat kinderen die er altijd bij hebben gehoord, van nu af aan niet meer bij horen?
1:08:41Gelukkig horen ze er nog altijd bij.
1:08:44Maar weet je welke kant we niet op moeten?
1:08:48Je bent gedoopt.
1:08:50Dan mag je toch geloven dat een kind van God bent?
1:08:53Nee, we gaan onze doop verstaan.
1:08:57Als we leren zien, ik ben als een kinderstorens geboren.
1:09:03Mijn zonde maakt me het voorwerp van uw toren.
1:09:06Reeds van het uur van mijn ontvangenis af.
1:09:09En dat we zo onze zaligheid buiten onszelf gaan zoeken.
1:09:17En dat we tot eer van God gaan leven.
1:09:21Dat kan al bij een heel klein kind.
1:09:25Dan kunnen we niet zeggen, ja maar dat kind toch te jong wordt.
1:09:29Nee, de heren willen ook werken in de harten van kleine kinderen.
1:09:32De doop wordt nog bediend.
1:09:35Zou de heren de doop laten bedienen...
1:09:39zonder dat er iemand komt die die doop verstaat?
1:09:44Daar geloof ik echt niks van.
1:09:47Dat
1:09:48God in zijn voorzienigheid...
1:09:51in een land, in een streek, de doop laat bedienen...
1:09:55en dat echt helemaal, helemaal niemand...
1:10:00...tot een waarachtige beleving komt van wat de doop in had.
1:10:04Dat geloof ik niet.
1:10:06Met de avondmaal is het trouwens hetzelfde.
1:10:09De avondmaal wordt nog bediend.
1:10:11Is elke avondmogar een kind van God?
1:10:13Dat zou ik niet automatisch willen zeggen.
1:10:17En om alle misverstand te voorkomen...
1:10:19...in mijn eerste gemeente noemde ik dat nog wel eens...
1:10:22...en toen zeiden ze, als je nou een uitgerifformeerde gemeente dient...
1:10:25...met vijf avondmogar, dan zou ik het nog zeggen.
1:10:27Dat is overal hetzelfde.
1:10:31Niet dat ik hoop dat er zo'n bimbo ook avondmogangers zijn.
1:10:35Bepaald niet.
1:10:37Maar ik hoop dat het er meer mogen worden.
1:10:42En dat het in een waag geloof mag zijn.
1:10:44Maar we moeten nooit de kant op.
1:10:46Als je dood bent, dan zit het goed.
1:10:48Als je avondmoganger bent, zit het goed.
1:10:49Of als je dominee bent, zit het goed.
1:10:54En dan zeg ik ook.
1:10:56Elke dominee moet zichzelf onderzoeken.
1:10:58Ik begin maar bij mezelf.
1:11:00Ik ben nu wel stel tevoren, maar stel dat ik een oud gereformeerde gemeente dielde, zou ik het ook zeggen.
1:11:04Dan zou ik niet zeggen, omdat ik oud gereformeerd ben, begrijp ik toch wel goed dat ik een bekeerde dominee ben.
1:11:09Die hebben alleen maar bekeerde dominees.
1:11:11Die kant moeten we nooit op.
1:11:13Nooit.
1:11:15Voor iedereen is veruitmoediging nodig.
1:11:19Om op een waardige wijze in het ambt te staan.
1:11:22Om op een waardige wijze je doop te hebben ontvangen.
1:11:27Om op een waardige wijze...
1:11:29Het heiligavondmaal te mogen gebruiken.
1:11:34Dat we onszelf voor God veroutmoedigen.
1:11:38Want eer God de zonde ongestraft liet.
1:11:41Heeft hij zich gestraft als een zoon.
1:11:44Dat we de gewisse belofte Gods geloven.
1:11:48Dat de vergeving van zonde is in het bloed van Christus.
1:11:52Dat we in een godzalig leven gaan wandelen.
1:11:55Het zicht op de goede dingen is altijd met veroutmoediging verbonden.
1:12:02En als ik dan nog dit beeld gebruik.
1:12:04Je zou kunnen zeggen in de tijd van David scheen de zon.
1:12:10Inmiddels is het donker.
1:12:13Maar je zag gelukkig wel de sterren.
1:12:16De goede dingen, dat zijn de sterren.
1:12:18Die zie je als het donker is.
1:12:21De goede dingen.
1:12:23Dat er nog zegeningen zijn.
1:12:25Die zie je als je weet dat het helemaal donker kan zijn.
1:12:30En je ogen gaan open.
1:12:33En er zijn gelukkig nog sterren.
1:12:35Er zijn gelukkig nog sterren.
1:12:37Er zijn nog goede dingen in Juda.
1:12:41En waarom is dat bemoedigend als mijn derde gedachte.
1:12:44De eerste gedachte wat het waren.
1:12:46En toen vergat ik de besnijdenis te noemen.
1:12:50De tweede gedachte.
1:12:52Dat dat zicht op die goede dingen altijd met veroutmoediging verbonden is.
1:12:57We moeten dus onszelf veroutmoedigen.
1:13:00Niet één keer.
1:13:01Niet twee keer.
1:13:02Maar elke dag opnieuw.
1:13:06Want waaruit bleek dat bij Rehabeam die veroutmoediging niet oprecht was.
1:13:13Hij heeft er niet in vol hart.
1:13:16Als het oprecht is dan blijft het zo.
1:13:22Bekering heeft een begin en ook een eind.
1:13:25En dat is pas bij ons sterven.
1:13:28We moeten ons elke dag opnieuw voor God veroutmoedigen.
1:13:32Zo gij in terecht wilt treden.
1:13:34O Heer en ga de slaan.
1:13:36Mijn ongerechte gedag wie zal dan bestaan.
1:13:41Mijn derde gedachte, het was toch ook heel bemoedigend dat er nog goede dingen in Juda waren.
1:13:46Want wat kon je daaruit afleiden?
1:13:50God gaat nog door met zijn werk.
1:13:54Ik ga even, dan gaan we naar het boek Koningen en daar naar het Tienstammerrijk.
1:14:00Waar het in het boek Kroniek over gezwegen wordt.
1:14:03De regering van Agap, die heeft zich net als Rehabiam uiterlijk verootmoedigd op een gegeven moment.
1:14:09Innerlijk niet.
1:14:11Toen had je de profeet Elia.
1:14:13Hier lees je van Samaya daar Elia.
1:14:16Dat was een veel grotere profeet om maar zo te zeggen.
1:14:20Veel belangrijker.
1:14:22Maar die grote Elia die heeft in zijn ongeloof uitgeroepen.
1:14:26Ik ben alleen overgebleven.
1:14:29Ik ben de enige God die u nog dient.
1:14:33Toen was hij toch echt van zijn plek.
1:14:37Hij zat in het donker.
1:14:40Maar in donker zit is nog iets anders als je verootmoedigen.
1:14:43Ik ben alleen overgebleven.
1:14:45Hij keek niet goed.
1:14:48Hij had een te hoge dunk van zichzelf.
1:14:50Er waren er nog zevenduizend.
1:14:52Daar had de Heer zelf voor gezorgd, ook in die donkere dagen.
1:14:57En daar zal er altijd een kerk blijven.
1:15:02Het woord van God zal nooit ledig weerkeren.
1:15:07Wat horen jullie in de kerk?
1:15:08Als het goed is kan je dit zeggen.
1:15:10En dat wordt gelukkig nog in meerdere kerken in Nederland gehoord.
1:15:13Ene naam, twee wegen en drie stukken.
1:15:17Dat is makkelijk om te onthouden.
1:15:19Er is maar één naam tot zaligheid.
1:15:22Van huis uit zijn we verloren zondaren die op de brede weg wandelen.
1:15:27Ons wordt gezegd.
1:15:30Komt herwaarts tot mij.
1:15:32Zo nodig Christus ons.
1:15:33En ik zal u rust geven.
1:15:35Ga de smalle weg bewandelen.
1:15:37Ik ben de weg ter waarheid en het leven.
1:15:40Dat hoor je dan in de preek en ook.
1:15:43Schuld.
1:15:44Je hebt je schuld leren aanvaarden.
1:15:47Ik herken mijn schuld die tot straf beweegt.
1:15:51Ellende.
1:15:51Schuld.
1:15:53Verlossing.
1:15:54Ik heb leren vluchten tot Christus.
1:15:56Ik ken de waarheid zo diep als geweest.
1:15:59Nu citeer ik het wachtwoord van de reformer van Robert Murray McShane.
1:16:03Dat Jezus alleen mijn gerechtigheid is.
1:16:07Er is in mijn hart een begeert om naar al Gods geboden te leven.
1:16:14Jezus geleidt mij door deze aardse woestijn.
1:16:18Ik ben een vreemdeling op aarde geworden.
1:16:22En nogmaals, je kan niet zeggen welke kerk je ook binnenloopt.
1:16:26Dat hoor je nou nergens meer.
1:16:28Maar even min kan je zeggen.
1:16:31Welke kerk je ook binnenloopt.
1:16:33Van welk kerkverband ook.
1:16:35Dat hoor je echt helemaal nergens meer.
1:16:38Gelukkig niet.
1:16:40Dan hoor je het in Nederland toch nog weer meer.
1:16:44Dan bijvoorbeeld in Duitsland.
1:16:46Dan bijvoorbeeld in Frankrijk.
1:16:49Dan bijvoorbeeld in Denemarken.
1:16:51Ik zeg niet dat het daar...
1:16:52Helemaal nergens te vinden is.
1:16:54Maar dan zijn we in vergelijking met een aantal omliggende landen.
1:16:59In betrekkelijke zin.
1:17:01Een gezegend lab.
1:17:03In betrekkelijke zin.
1:17:05Want heel Europa's kerk is in verval.
1:17:10En dan mogen we wel vurig uitzien.
1:17:13Naar een opwekking niet alleen voor Nederland.
1:17:17Maar voor heel Europa.
1:17:19Want de kerk die groeit wel.
1:17:22Ook getalsmatig.
1:17:23Omdat de kerk op het zuidelijke halfrond groeit.
1:17:25Die groeit.
1:17:27En naar mij zegt.
1:17:29Is de snelst groeiende christelijke kerk ter wereld.
1:17:33De kerk in Iran.
1:17:35Een land dat maar telkens in het nieuws is.
1:17:40Berichten druppelen binnen.
1:17:41Maar de kerk die het daar bepaald niet makkelijk heeft.
1:17:45Die schijnt daar heel snel te groeien.
1:17:48Dat is in Europa en in Nederland niet.
1:17:51Er treden mensen tot de kerk toe.
1:17:55Komen mensen tot waarachtig geloof.
1:17:58Maar nog altijd keren meer mensen.
1:18:01Die bij het woord zijn opgevoed.
1:18:03De kerk terug doen.
1:18:04Maar er komen nog mensen tot bekering.
1:18:06Het zij uit de wereld.
1:18:08Het zij die erbij opgevoed zijn.
1:18:10In mijn eerste gemeente kreeg ik.
1:18:12Zo eens in de drie weken.
1:18:14Laat ik het op drie houden.
1:18:16Mijn buurman heeft zijn vrouw op bezoek.
1:18:18Dat waren godvrezende mensen.
1:18:20En daar spraken we met elkaar na over de diensten die ik die zondag gehad over het woord van had.
1:18:27Ik had ook wel eens, wij hadden, moet ik zeggen wij, mijn vrouw ook.
1:18:32Wij hadden wel eens mensen over.
1:18:34Een keer was dat Charles Davis.
1:18:37Een man die goed Nederlands sprak, dat had hij geleerd in de Tweede Wereldoorlog.
1:18:42Toen had hij op Nederlandse kolkvaardijschepen gevraagd.
1:18:45Hij heeft een aantal jaren in Zeeuws-Vlaanderen gewoond.
1:18:47En in die tijd heb ik hem leren kennen.
1:18:49We zijn teruggegaan naar zijn geboorteland.
1:18:52Voor zaken in Nederland, in Europa.
1:18:56En die zondag over was hij bij ons.
1:19:00Afkomstig uit Wales.
1:19:02En mijn buurman vroeg aan die Charles.
1:19:05Na de dienst.
1:19:06Werk God in Wales.
1:19:07Gelukkig wel zijn.
1:19:08Hier zit het bewijs.
1:19:10Hier zit het bewijs.
1:19:12Werkt God nog in Oudorp.
1:19:15Dat je mag zeggen.
1:19:17Hier zit het bewijs.
1:19:18Want weet je wat ik wel eens heb meegemaakt.
1:19:22Ik was ergens een zondag over.
1:19:25En de gastheer van het gastadres die zei.
1:19:29Ja vroeger hoorde je het nog in onze gemeente.
1:19:31Maar nu hoor ik het niet meer.
1:19:33Zeg maar hebben jullie het wel in de gaten?
1:19:35Ik hoor het ook niet uit uw mond.
1:19:38Dus dan moet je wel bij jezelf beginnen.
1:19:41Ik kan het zelf ook niet vertellen.
1:19:43Ik weet er zelf ook niet van.
1:19:45Dan kan je wel naar een andere wijze.
1:19:47Vroeger hoorde je het nog.
1:19:50Nee dat het zo mag zijn.
1:19:53Eens was ik blind.
1:19:55En nu mag ik zien.
1:19:57En dan kan het zijn.
1:19:58Mijn vader en moeder hadden het er niet over.
1:20:00En in de kerk helaas maar een enkeling.
1:20:04Maar God heeft het mij geleerd.
1:20:08Aan de andere kant is het ook waar.
1:20:11Uiteindelijk levert het ons persoonlijk geen voordelen op als we in een bloeitijd leven.
1:20:16En we gaan zelf niet in.
1:20:17Dat moeten we ook goed beseffen.
1:20:20Maar gelukkig gaat God nog door met zijn werk.
1:20:23Dat mag ons bemoedigen en dan mogen we vragen of er nog een opleving komt.
1:20:28Na die tijd van Rehabiam heb je ook een tijd gehad onder koning Jozef.
1:20:32Toen stond het er toch beter bij.
1:20:36Er is ook nog van alles en nog wat geweest, maar het was toch in vergelijking met de tijd van Rehabiam een bloeitijd.
1:20:42Geldt ook voor de regering van Hiskia en van Josia.
1:20:46Zo mogen we vragen, heren zou u nog een opwekking willen geven?
1:20:53Toen het boek Kroniken geschreven werd was er geen koning meer in Juda.
1:20:57Dat is gelukkig veranderd.
1:21:00Is dat veranderd?
1:21:01Ja.
1:21:04Christus heeft de troon van zijn vader David geklommen.
1:21:08Wanneer is dat dan gebeurd?
1:21:09Dat is gebeurd bij zijn hemelvaart.
1:21:12En wij mogen zingen eeuwig bloeit de glorie kroon.
1:21:16Op het hoofd van Davids grote zoon.
1:21:20En die houdt zijn kerk in stand en brengt haar tot bloei.
1:21:24En dan denk ik aan het lied.
1:21:25Hebben jullie misschien ook wel eens gehoord.
1:21:26Misschien kennen jullie het wel.
1:21:27Heer ik hoor van rijke zegen die geen uitstort keer op keer.
1:21:31Laat ook van die milde regen druppelen val op mijn eer.
1:21:36Dat lied is in 1859 gemaakt door een Engelse predikantsvrouw.
1:21:40Die door omstandigheden niet naar de kerk kon.
1:21:44En er was een opwekking uitgebroken in de Verenigde Staten van Amerika.
1:21:52Inmiddels bleek die opwekking ook Ierland te hebben bereikt.
1:21:56Hier ik hoor van rijke zegen die gij uitstort keer op keer.
1:22:01In de Verenigde Staten van Amerika, in Ierland.
1:22:04Laat ook van die milde regen druppels vallen op meneer.
1:22:09En dat ze ook zij in die zegen mocht delen.
1:22:12En dat ook Engeland met een opwekking bezocht zou mogen worden.
1:22:17En dat is trouwens nog gebeurd.
1:22:21Opwekking van 1859.
1:22:23Als je je verdiept in de kerkgeschiedenis van de Engels sprekende wereld.
1:22:28Kan je dat een en ander overwinden.
1:22:31En gaan we naar ons eigen land.
1:22:34In de 19e eeuw is de eenheid der kerk verloren gegaan.
1:22:39Maar er is toch sprake geweest van een weerkeer.
1:22:44Aan het einde van de 19e eeuw.
1:22:47Werd vanaf veel meer hervormde kansels het evangelie verkondigd.
1:22:52Dan aan het begin van de negentiende eeuw.
1:22:56En hoe je ook over de afscheiding oordeelt.
1:22:59Ook in afgescheiden kerken klonk het evangelie.
1:23:03Dan is er een boek geschreven dat wel meer van het afgescheiden hoek geschreven.
1:23:08Dat er ook in de hervormde kerk sprake was van een opwekking.
1:23:12Dat komt daar niet zo uit de verf.
1:23:14Maar ik noem toch dat boek vanwege de titel.
1:23:16Het wonder van de negentiende eeuw.
1:23:19Het wonder van de negentiende eeuw.
1:23:21Dat tegen alle verwachtingen de kerk weer tot bloei kwam.
1:23:25En nu is het inmiddels nog donkerder dan aan het begin van de negentiende eeuw.
1:23:30Maar er zijn geen grenzen aan Jezus macht.
1:23:33Dan mogen we smeken niet alleen of de neer doorgaat met zijn werk.
1:23:37Maar of er in Nederland ook in de 21ste eeuw niet alleen persoonlijk.
1:23:43Dat gebeurt zonder meer.
1:23:44Maar ook...
1:23:45Kerkelijk wonderen mogen gebeuren dat er een boek zou kunnen verschijnen over Nederland en Nederlands kerk.
1:23:52Het wonder van de 21ste eeuw.
1:23:55Dan nog zal alles ten dele blijven.
1:23:58En dan zien we uit naar de weerkeer van Davids grote zoon.
1:24:03Dan zal alles door de vrede bloeien.
1:24:07En voor ons is het zaak dat wij een pelgrim zijn.
1:24:11Op reis naar die stad waarover die grote koning zal regeren.
1:24:15Het nieuwe Jeruzalem dat neerdaalt uit de hemel.
1:24:18Zoek de Heer terwijl die te vinden is.
1:24:21Roep hem aan terwijl hij nabij is.
1:24:24Amen.
1:24:25Wij
1:24:27gaan zingen van psalm 38.
1:24:31En wel daarvan de verse 1 en 9.
1:24:35Groot en eeuwig op erwezen.
1:24:37Zeer te vrezen.
1:24:38En ook maar wat klaag ik heer der heren.
1:24:411 en 9 van 38.
1:24:42[GEZANG]
1:28:16Wij zullen danken en bidden.
1:28:19O God, uw woord mocht uitgaan.
1:28:22Sineer op dit deel van uw wijngaard.
1:28:25O God van ons voorgeslacht, wees ook de God van ons nageslacht.
1:28:29Want dit is zeker, u hebt in dit dorp, op dit eiland, al eeuwenlang willen werken.
1:28:35En nu is het geen verdienste van ons.
1:28:38En we kunnen niet pleiten op iets in ons te vinden.
1:28:42Het is niet zo, omdat u hier vroeger rijk hebt gewerkt, moet u het nu nog doen.
1:28:46Omdat wij zo goed zijn.
1:28:48Maar dan pleiten wij op u.
1:28:50Vast verbond.
1:28:52Laat dat uw hart tot ons in liefde ontvangt.
1:28:54Ook hier op dit eiland.
1:28:56Dat dat waar mag worden.
1:28:57En ook hier in Oudorp.
1:28:59Breng heel uw kerk tot bloei.
1:29:01Dat twist en wrok verdwijnen mag.
1:29:03En alles door de vrede bloeien.
1:29:05Dan weten we dat laatste zal pas zijn.
1:29:08Als Gij ook Christus wederkomt.
1:29:10Daarom.
1:29:11Bewaar en vermeerder uw kerk.
1:29:13Totdat de volkomenheid van uw rijk komt.
1:29:15Waarin gij zijt alles en in alle.
1:29:18Hoor ons zo om Jezus wil.
1:29:21Amen.
1:29:22We
1:29:24gaan nog zingen op zand 79.
1:29:26Ik zie op het bord staan 71.
1:29:28Dat heb ik fout gedaan.
1:29:30Dat moet 74 zijn.
1:29:3279.
1:29:3474.
1:29:34Gedenk niet meer aan het kwaad dat wij bedreven.
1:29:37En zo zullen wij de schapen u erwijden.
1:29:39In eeuwigheid uw lof, uw eer verbreiden.
1:29:42[GEZANG]
1:34:49En ontvangt de zegen des Heren.
1:34:52Die wij in zijn naam op u leggen.
1:34:56De genade van ons Heer Jezus Christus.
1:34:59De liefde van God.
1:35:00En de gemeenschap van de Heilige Geest.
1:35:03Zij met u allen.
1:35:04Amen.
1:35:05[GEZANG]