0:00[GEZANG]
10:26[GEZANG]
10:29[GEZANG]
10:50Zullen we daarom vragen, dan zijn we allemaal hier biddig, handen samen, ogen dicht.
10:59Heren God van hemel en aarde, we zeggen in naam dank dat we deze morgen zo bij elkaar mogen komen in de kerk om het Pinksterfeest te gedenken.
11:09De uitstorting van de Heilige Geest.
11:13Heren, dan is het jaren geleden.
11:15De
11:17Pinksteren.
11:19De pinkstergeest, de heilige geest, wordt uitgestort in Jeruzalem.
11:23Maar heren, u bent nog steeds dezelfde.
11:28Toen was er een rijke pinksterzegen, heren, waarop er drieduizend op eenmaal bekeerd mochten worden, heren.
11:34Maar u bent nog steeds dezelfde.
11:37Wij lopen die pinksterzegen, heren, geven, ook op deze dag, hier, maar overal op aarde waar u woont, deze dag verkondigd wordt.
11:48Heren.
11:49En als we helpen in de tijd dat we weer bij elkaar zijn.
11:52Gedenk ons.
11:54Degene die we het op moeten zeggen.
11:56Als schriftlezing moeten doen.
11:58Geef vandaar heer de kracht en de wijze voor.
12:01Ook zij die zou vertellen aan heren.
12:03Help haar.
12:06Heren.
12:06Help degene die met orgelen spelen.
12:09Ieder die een taak heeft.
12:11Heren.
12:11We leggen alles in uw handen.
12:13Want van onszelf kunnen wij het niet.
12:17Heren.
12:18Ga zo met ons allen.
12:20We leggen het zo voor u neer.
12:23Help ons.
12:24We hebben niets verdiend, maar we vragen het u heer alleen om Jezus wil.
12:28Amen.
12:29Dan
12:31gaan we verder het hele programma vervolgen wat jullie gehad hebben.
12:34Dan geef ik het woord verder aan Simone.
12:37Wij
12:44gaan zingen over de zegen van de heren.
12:49Voor de jongste kinderen was dit een heel fijn lied om te oefenen.
12:54Zij kunnen dat goed.
12:56En we zingen over die zegen van de heren voor de kinderen, voor jullie zusjes, voor jullie broertjes, voor je vader, voor je moeder, voor je oma, voor je opa, maar ook voor heel
13:08de gemeente.
13:09En we vragen om een zegen voor iedereen.
13:13En niet alleen of dat die druppelen van de zegen op ons mag vallen, maar ook dat ze mogen vallen in ons hart.
13:23Jongens en meisjes, we gaan staan.
13:25En we gaan zingen.
13:27Heer, ik hoor van rijke zegen.
13:31Het
13:32[GEZANG]
15:37Pinkster-evangelie wordt gelezen door Carlijn de Jong uit handelingen 2 vers 1 tot en met 11.
15:45En door Anna-Louise Thanes vanaf vers 12 tot en met 21.
15:51En
16:01als de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen indrachtelijk bijeen.
16:06En er geschiedde haastelijk uit hun hemel een geluid.
16:10gelijk als van een geweldige gedreven wind, en vervulde het hele huis waar zij zaten.
16:16En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een ingeluk van hen.
16:21En zij werden alle vervuld met een heilige geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de geest zich af uit te spreken.
16:30En er waren Joden, te Jeruzalem woonden de godvruchtige mannen van alle volken, dergenen die onder de hemel zijn.
16:38En als deze stem geschiet was, kwam de menigte samen en werd beroerd, want een ingeluk hoorde hen.
16:45In zijn eigen taal spreken.
16:47En zij ontzetten zich allen en verwonderden zich, zeggende tot elkaar.
16:51Ziet, zijn niet allen deze die daar spreken Galileërs?
16:55En hoe horen wij hen in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn?
17:00Parthes en Medes en Elamiten en de inwoners van Mesopotamie en Judea en Cappadocia, Pontus en Azië.
17:08En Phrygia en Pamphylia, Egypte en de Delia.
17:25En
17:29zij ontzetten zich allen en werden twijfelmoedig, zeggende de een tegen de ander, wat wil toch dit zijn?
17:37En een andere spottende zeide, zij zijn vol zoet en wijns.
17:42Maar Petrus staande met de elfen verdief zijn stem en sprak tot hen.
17:46Ga je Joodse mannen en ga je allen die te Jeruzalem woont die zij u bekend.
17:52En laat mijn woorden tot uw oren ingaan.
17:54Want deze zijn niet dronken gelijk gij vermoed.
17:57Want het is de eerste, de derde uren van de dag.
18:01Maar dit is het want gesproken is door de profeet Joal.
18:05En zal het in, zal zijn in de laatste dagen zegt God.
18:10Ik zal uitstorten van mijn geest op alle vlees.
18:13En uw zonen en uw dochters zullen profiteren.
18:16En uw jongelingen zullen gezichten zien.
18:20En uw ouders zullen dromen, dromen.
18:23En ook op mijn dienstknechten en op mijn dienstmaagden zal ik in die dagen van mijn geest uitstorten.
18:30En zij zullen profiteren.
18:33En ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde, beneden bloed en vuur en rookdamp.
18:39De zon zal veranderd worden in de duisternis en de maan in bloed, eer dat de grote en de luchtige dag des Heren komt.
18:47En het zal zijn dat een egelijk die de naam des Heren zal aanroepen zalig zal worden.
18:56Dank jullie wel, dames.
18:57Keurig gedaan.
18:59We gaan met elkaar zingen Psalm 87, waar het gaat.
19:04Over de inwoners van heidense landen.
19:07Voor hen is er ook plaats bij de Heren.
19:11En als jij gelooft in de Heer Jezus, dan is ook voor jou plaats bij de Heren.
19:17Ook al ben je thuis en luister je mee, zing ook gerust mee met deze psalm.
19:23Psalm 87, vers 3 en 4.
19:27Tien
19:27[GEZANG]
22:09gedichtjes gaan de kinderen opzeggen naar aanleiding van de schriftlezing.
22:15Na deze gedichtjes gaan we luisteren naar de bijbelvertelling die juf Sinet voor ons zal houden.
22:22Dan mogen we nu naar voren komen om de gedichtjes op te zeggen.
24:09Wat is dit toch voor feest?
24:14Hij is
24:17al gereden door de geesten geleerd, wat u nu ziet en hoort.
24:21Wie zal ons redden wat te doen, bekeert u wordt gedoopt.
24:25Drie duizend mensen deden toen wat binnen het werd gehoopt.
24:31De vrees God slecht beslag, zij leeft nog van genade.
24:35God zegende hen elke dag en sloeg hen gunstig gade.
24:39Nou,
24:49dan mogen jullie allemaal recht gaan zitten.
24:56Ik biede, dan gaan we luisteren naar het Bijbelverhaal deze morgen.
25:02Want vandaag is het, wie weet dat, wat is het vandaag?
25:07Oh, gelukkig heel veel vingers.
25:11Het is vandaag Pinksterfeest, inderdaad.
25:14En dat Pinksterfeest was er al heel lang geleden, ook al in de Bijbel.
25:19En dan gingen alle Joden naar Jeruzalem toe...
25:23om hun eerste offer te gaan brengen.
25:30Daarvoor gingen ze.
25:32Dat is natuurlijk al heel lang geleden gebeurd.
25:35En toch mogen we deze gebeurtenis niet vergeten.
25:39Want...
25:40We weten allemaal dat de Heer Jezus naar de hemel is gegaan.
25:44Dat hebben we tien dagen geleden daarover nagedacht.
25:48We hebben dat ook herdacht, de hemelvaart van de Heer.
25:51Dat heeft Hij gedaan veertig dagen na zijn opstanding.
26:02En dat hebben de discipelen gezien.
26:04Ze hebben de Heer zien gaan, de lucht in, dan kwam er een wolk.
26:10En voordat Hij wegging, voordat Hij opgevaren is naar de hemel...
26:15Heeft hij nog iets beloofd?
26:17Weet je wat hij zei?
26:19Maar gij zult ontvangen de kracht des heilige geestes.
26:23Die over u komen zal.
26:27De discipelen moesten terug naar Jeruzalem.
26:31Want daar, dat had de heren verteld.
26:33Daar moesten ze gaan wachten.
26:35En moesten ze dan zomaar gaan zitten en dan wachten?
26:40Ze moesten biddend wachten.
26:43Ze moesten bidden.
26:45Want de heren doet.
26:48Wat hij belooft.
26:51En dan in Jeruzalem.
26:53In een huis.
26:54Een heel groot huis.
26:55Daar zijn de discipelen bij elkaar.
26:57Maar het zijn niet alleen de discipelen.
26:59Die meegegaan zijn met de heren.
27:01Maar nog veel meer mensen.
27:03Die hebben ook de heren lief gehad.
27:05En die zijn al bij elkaar.
27:07Net zoals wij nu allemaal bij elkaar zijn.
27:09Zo waren daar in dat huis ook heel veel mensen bij elkaar.
27:13En wat ze deden.
27:14Dat was ze bidden samen.
27:16Want misschien hadden ze wel gedacht.
27:19Alles wat de Heer gezegd had toen hij bij hen was.
27:22Op aarde.
27:23En
27:25wat zou er nu gaan gebeuren?
27:28Hoe zou die Heilige Geest nou komen?
27:30Dat
27:32wisten ze niet.
27:34Ze wisten wel dat ze moesten bidden.
27:36En ze wisten dat ze moesten wachten op Gods tijd.
27:40Daar
27:42zit ook een hele belangrijke les voor ons in.
27:45Wij
27:50kunnen ook niet uit onszelf alles maar willen en doen.
27:54We moeten ook bidden.
27:56Bidden om de Heilige Geest.
27:59Want zonder de Heilige Geest kunnen wij God ook niet lief hebben.
28:03Wij moeten vragen aan de Heren.
28:05We moeten ook pittend wachten.
28:09En dan breekt de Pinksterdag aan.
28:12Jeruzalem, hij is vol van de mensen.
28:15Uit alle landen zijn de Joden gekomen om feest te vieren.
28:20En
28:21als je zomaar door die straten heen loopt...
28:24dan hoor je dat er eigenlijk allerlei talen gesproken worden.
28:31Mensen.
28:32Uit hele verre landen zijn ook gekomen naar Jeruzalem.
28:36En die
28:38hoor je daar ook praten.
28:40Misschien ben je ook wel eens ergens geweest dat je allerlei verschillende talen hoorde spreken.
28:45Dat
28:46is ook in Jeruzalem aan de orde.
28:49Ook daar zijn ze.
28:50Komt
29:00uit de hemel.
29:01Nee, niet zomaar een klein geluid.
29:04Nee, het is een geluid alsof er een hele harde wind is.
29:09Nou, wij weten...
29:10Echt wel wat wind is hier aan de kust.
29:12Dan kan het soms zo hard stormen.
29:14Nou, zo'n geluid was het.
29:18Dat was in het huis waar de discipelen waren.
29:21Maar de mensen die daar buiten waren, die hoorden het ook allemaal.
29:25En iedereen schrikt een soort van op.
29:27Wat is hier aan de hand?
29:29Dit is iets heel wonderlijks.
29:32Want we horen een hele harde wind.
29:36Maar
29:37we zien niks bewegen.
29:38De blaadjes aan de bomen zijn gewoon stil.
29:43De gordijnen bewegen niet, helemaal niks.
29:46En
29:48als we dan heel goed kijken, dan zien we nog iets wonderlijks.
29:53Want er verschijnen vuurtongen op de hoofden van de discipelen.
30:00Nou, en als we vuur hebben, dan ruik je dat, hè?
30:04Maar dit was heel bijzonder.
30:06Want je ruikt niks, je ruikt niet dat het verbrandt.
30:13Weten jullie nog die brandende braambos van Mozes die daar stond?
30:17Die stond ook in de brand.
30:19En de bos verbrandde niet.
30:20Dat is nu precies hetzelfde.
30:22Gods heilige aanwezigheid is hier.
30:25En
30:27dan gebeurt het mooie grote wonder.
30:30De discipelen, ze worden vervuld met de heilige geest.
30:34En ze beginnen te spreken in alle talen.
30:38Die
30:40ze nog nooit hadden geleerd.
30:42Maar de geest kent alle talen.
30:48En buiten verzamelt er een hele menigte van mensen.
30:52Want eigenlijk iedereen wil wel weten wat daar nu aan de hand is.
30:55Wat er nu gebeurd is.
30:57En ze komen allemaal dichterbij om naar dat wonder te zien.
31:00Ook die mensen uit andere landen.
31:03Die nu in hun eigen taal godswerken konden horen.
31:07Hoe
31:12kunnen nou die Galileese mannen.
31:15Hoe kunnen die nou in alle talen spreken.
31:20Ik hoor het.
31:21Ik hoor het in mijn eigen taal.
31:22En
31:24iedereen is verbaasd.
31:26Iedereen luistert wel.
31:30Zijn er sommige mensen die
31:34spotten?
31:34Die
31:38mannen zijn dronken.
31:39Hoe kan dat nou?
31:43Zo is het helaas nog, kinderen.
31:45Wanneer God werkt, zijn er mensen die luisteren.
31:50Maar helaas zijn er ook mensen die spotten.
31:55Spotten met Gods werk.
31:59En dan gaat Petrus naar voren.
32:03Ja, Petrus.
32:05Die discipel die eerst zo bang was, die zijn meester verlogen heeft.
32:12Nu is hij niet bang meer, want hij heeft vrijmoedigheid gekregen van de Heilige Geest.
32:17En hij zegt, deze mensen zijn helemaal niet dronken.
32:22Kan het nou?
32:23Het is de derde uur.
32:24Het is nog heel vroeg in de morgen.
32:27Maar dit is wat God al lang geleden heeft voorzegd door de profeet Joël.
32:35En dan haalt Petrus woorden uit het Oude Testament.
32:38Joël 2.
32:40Daar had de Heer al eeuwen geleden gezegd.
32:45En het zal geschieden in de laatste dagen, zegt God.
32:50Ik zal uitstotten van mijn geest op al vlees.
32:58Zien we dat?
32:59Hoe wonderlijk het is.
33:01Hoe wonderlijk het woord van God is.
33:05Want wat de Heer in het Oude Testament...
33:07Het Oude Testament al heeft beloofd, dat gebeurt nu precies.
33:13God vergeet nooit één van zijn beloften.
33:17Want wat hij doet, wat
33:21hij beloofd heeft, dat doet hij ook.
33:25Misschien hebben die mensen wel gedacht vroeger, in de tijd van Joel, ja, wanneer zal dat nou eens ooit gebeuren?
33:32Nu, nu is het zover.
33:34De Heilige Geest wordt uitgestort.
33:37En niet alleen voor rijke mensen.
33:40En ook niet alleen voor koningen.
33:43Of alleen maar voor profeten.
33:46Nee, voor zondige mensen is
33:52hij ook uitgestort.
33:53We mogen horen van Gods genade.
33:56En Petrus, hij noemt dan ook die belangrijke tekst uit Joël 32.
34:03In zijn toespraak.
34:05En het zal geschieden al wie de naam des heren zal aanroepen, die zal behouden worden.
34:11Deze tekst heeft er precies over gezet in handelingen 2.
34:15En het zal geschieden dat een iegelijk, dus iedereen die de naam des heren zal aanroepen, zalig zal worden.
34:26Dat betekent, er is zaligheid voor alle verloren zondaren.
34:35Niet omdat mensen nu zo goed zijn.
34:38Niet omdat wij mensen dat nu verdienen.
34:42Maar omdat de Heer Jezus gekomen is om zondaren zalig te maken.
34:48Door zijn bloed alleen.
34:52En dan gaat Peter spreken.
34:54Hij vertelt over de Heer Jezus.
34:57Dat de Heer een wonderen gedaan heeft.
34:59Dat de Heer gestorven is aan het kruis.
35:03Dat hij is opgestaan uit de doden.
35:07En dat hij leeft.
35:10Petrus zegt ook heel eerlijk.
35:12Jullie hebben hem gekruisigd.
35:15Dat moet misschien best wel pijn gedaan hebben bij die mensen.
35:19Maar dat doet het ook als goed is wel een beetje pijn bij ons.
35:23Want door onze zonden is de Heer gestorven.
35:27Voor al die schuld.
35:30En
35:32dan gebeurt er opnieuw een wonder.
35:35Maar nu ook in mensen die daar staan te luisteren.
35:39Het gebeurt niet buiten hen, nee, het gebeurt binnen, binnen in hun hart.
35:44De Heilige Geest gaat werken.
35:46De mensen, ze worden verslagen in hun hart.
35:51Ze worden een soort verdrietig.
35:53Ja, verdrietig en betroefd over hun zonden.
35:56En dan roepen ze, wat zullen we doen, mannenbroeders?
36:02Dat is de Heilige Geest die werkt.
36:06Hij leert mensen dat ze gezondigd hebben tegen God.
36:12En van onszelf vinden wij de zonde eigenlijk vaak niet zo heel erg.
36:18Maar als de Heilige Geest gaat werken, dan
36:22wordt je zonde schuld voor God.
36:27Hebben jullie, u, ik, hebben wij dat al geleerd?
36:33Want dat is nodig voor iedereen, jong en oud.
36:40Petrus, hij zegt niet in die toespraak, probeer eerst maar even een beetje beter te leven.
36:46Nee, hij wijst naar de heren en hij zegt, bekeert u.
36:51En
36:52hij verkondigt dat er vergeving is door het bloed van de Heer Jezus.
36:57Wat een wonder.
36:59Voor de grootste zondaren onder ons is er zaligheid mogelijk.
37:04Op die ene dag werden
37:07er ongeveer 3000 mensen gedoopt.
37:123000.
37:13Drie keer deze kerk helemaal vol.
37:18Ene dag.
37:19Dat was een machtig werk van God.
37:26En weet je jongens, niet Petrus bekeerde al deze mensen.
37:31Nee, dat deed de Heilige Geest.
37:36Pinksteren.
37:37Een
37:40mooi verhaal misschien denk je wel van lang geleden.
37:43Maar de Heilige Geest werkt nog steeds in ons.
37:49Hij werkt.
37:50Hij
37:52werkt door
37:54Gods Woord, het allerbelangrijkste.
37:58Ook deze dag, vanmorgen, toen je naar de kerk mocht gaan, mocht je horen.
38:03Nu, op de zondagsschool.
38:07Weet je, we hebben het allemaal persoonlijk nodig.
38:11Ieder voor jezelf.
38:14Want wij moeten leren wie wij zelf zijn.
38:18Zondaren voor God.
38:20Maar we moeten ook leren wie de Heer Jezus is.
38:23Hij is de enige echte zaligmaker.
38:29De Heilige Geest wil zondaren overtuigen van de zonden.
38:33Hij wil plaatsmaken voor de Heer Jezus in jouw hart.
38:38Vraag daarom veel.
38:39Heren, wilt u ook in mijn hart werken?
38:45Want buiten de Heilige Geest blijven onze harten zo hard.
38:51Maar de Heer kan wonderen werken.
38:54Dat deed hij ook op de Pinksterdag.
38:55Toen, kan ook nu.
38:58Luister nog maar een keer naar die...
39:00Heerlijke belofte uit Joël 2 en ook in Handelingen 2.
39:04En het zal geschieden.
39:05Al wie de naam des Heren zal aanroepen, zal zalig worden.
39:10Dat betekent niet sommige mensen, maar al wie.
39:15Dus wie wil het?
39:20Zoek de Heren terwijl hij te vinden is.
39:23Oh, hij ziet zo graag een verbroken en een verslagen zondaar die dorstig naar hem toekomt.
39:30Die de midden van de dood hongert naar het leven.
39:35En dan zal hij het op zijn tijd verzadigen.
39:39Zing jij het mee in je hart?
39:41Heer, hij maakt mij uw wegen.
39:44Door uw woord en geest bekend.
39:47Leer mij hoe die zijn gelegen.
39:50En waarheen uw treden wendt.
39:53Leid mij in uw waarheid leer.
39:56Ijverig mij.
39:58Uw wet betrachten.
39:59Want gij zijt mijn heil, o Heer.
40:02Ik blijf u al de dag verwachten.
40:06Bid dan.
40:07Iedere keer maar weer, Heren.
40:09Geef dat wij het pinksterwonder nodig mogen krijgen.
40:14Wilt u met uw heilige geest in onze harten komen werken.
40:19Leer onze zonden kennen.
40:21En breng ons tot de Heer Jezus.
40:23Omdat wij zalig mogen worden.
40:26Om Jezus wil.
40:28Amen.
40:30Dan gaan we nu zingen.
40:31Psalm 133 vers 1 en 3.
40:35Hij ziet hoe goed, hoe liefelijk is dat zonen.
40:39En een hele mooie psalm, het derde vers.
40:42Waar liefde woont, gebiedt de Heer zijn zegen.
40:46Wat
40:47[GEZANG]
44:29fijn dat we met elkaar mochten zingen over de liefde voor onze naasten.
44:34Die liefde, die wil de Heer zegenen.
44:38We gaan nu luisteren naar zes gedichtjes over de tekenen van het Pinksterfeest.
44:44Er mogen nu naar voren komen Rosalind de Jong,
44:53Ruben Westoeve, Myrthe Tanis,
45:00Sil van der Kloosse,
45:04Elias Grinwis en Jasom van der Kloosse.
45:09Zie
45:20toch eens dat grote wonderteken, dat verschijnt in...
45:23Vroege morgen uur, de discipelen die gaan hier spreken op hun hoofd de tong als vuur.
45:30Mensen gaan verbaasd nu samenstromen uit de vele volkeren vandaan.
45:34Is het niet ofwel ze staan te dromen?
45:37Alle woorden kunnen zij verstaan.
45:40Horen klinken al de grote werken van de heren in hun eigen taal.
45:46Sterk gaat de verwondering in hun werken.
45:49Ze ontzetten zich nu allemaal.
45:54Petrus spreekt zijn spitsen nu de oren.
45:56Hij is met de heilige geest vervuld.
45:59Zijn geen zachte woorden die ze horen.
46:01Nee, hij wijst hen op een grote schuld.
46:04Feindelijk worden zij in het hart geslagen.
46:06Petrus wijst ze weg naar Jezus heen.
46:08Nu is het ook voor hem tijdelijk dagen.
46:10Hun bui ligt in hem alleen.
46:13Heer, o God, ons schuld bewenen.
46:15Schenk ons ook de leiding van uw geest.
46:18Drijf ons door
46:23zijn werk naar Christus heen.
46:25Waarlijk Pienstefeest.
46:29Keurig, jullie mogen gaan zitten.
46:30Dankjewel.
46:31De
46:34kinderen gaan een loflied zingen over de grote heilige God.
46:40Hem moeten we loven en prijzen en vragen om ontferming.
46:47We vragen aan de organist of hij dit lied eerst een keer voor wil spelen, zodat jullie de melodie weer goed weten.
46:54En daarna gaan we zingen.
46:55[GEZANG]
51:35Dank jullie wel dat jullie zo goed meegedaan hebben.
51:38We gaan nu met elkaar danken.
51:40En daarna gaan we nog één lied met elkaar zingen.
51:49Het is zeker waar wat juffrouw Simone zei.
51:52Dank jullie allemaal.
51:53Het was heel mooi om te horen.
51:57Maar het is alweer voorbij.
52:00Wat gaat een uurtje toch heel snel om.
52:03Als we zo met elkaar zijn.
52:05En dat we het Pinksterfeest mogen gedenken.
52:10We hebben vanmorgen misschien al een poosje in de kerk gezeten.
52:13En nu hier weer op de zondagsschool.
52:17En ook heel blij dat er heel veel zijn van jullie.
52:21Dat doet ons sowieso heel goed als zondagsschool.
52:25Maar ook, wat juffrouw Genet ook verteld heeft.
52:29Het pakt hem heel even dat er gezegd wordt door Peters.
52:34Bekeert u.
52:35Dat geldt niet alleen voor die mensen van toen.
52:38Maar ook nog.
52:39Voor ons allemaal, zoals we hier zitten en staan.
52:44Een oproep dat geleid wordt door die Heilige Geest, wat we gehoord hebben.
52:50Goed, doen we handen samen.
52:53Ogen dicht, dan zijn we eerbiedig.
52:59Ook de achterste rij eerbiedig.
53:06Heren, het is toch uw grote goedheid dat we hier zo vandaag op deze eerste Pinksterdag bij elkaar mochten komen.
53:19En dat we als zondagsschool.
53:21Dit mogen gedenken.
53:24We mochten zingen daarover.
53:26We mochten de gedichten erover horen.
53:30Maar ach heren.
53:31Wilt u het nog in het hart geven.
53:34Dan kunnen we het uit ons hoofd geleerd hebben.
53:37Maar mag het dan zijn heren.
53:38Dat het met het hart geleerd mag worden.
53:41Want dat is juist.
53:43Nu de werking van uw heilige geest.
53:46Die werkt het in het hart.
53:48Die moet het ook toepassen heren.
53:50En zo mogen we dan.
53:52Ook elke keer weer tot u bidden.
53:55Tot de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
54:00En wat een wonder is dat toch heren.
54:03En dat hebben we ook zo vanmorgen weer mogen horen.
54:07Hoe dat die Heilige Geest uitgestort werd.
54:10Met een geweldig gedreven wind.
54:14Wel gehoord.
54:15Maar het was niet te zien.
54:17En dan van die vlammen vuurs op die hoofden van de discipelen.
54:23Heren, wat een wonder dat u dat op die manier hebt laten doen.
54:28En dat er toch zo nog drieduizend mensen tot bekering mochten komen.
54:34En ach heren, u bent nog niet veranderd.
54:36U kunt het nog steeds.
54:38En er mogen nog steeds maar vragen om bidden.
54:40Wilt u het nog steeds doen?
54:42Een opwekking geven.
54:44Ook onder de kinderen.
54:46Ook in de gemeente.
54:49Heren, we leggen het zo voor u neer.
54:51Ga zo met ons naar onze huizen toe.
54:55En wilt u ons nog genadigd naar bij zijn.
54:58Vergeef ook het zondige heren.
55:01En dat was ongetwijfeld ook veel deze morgen.
55:04Maar wilt u dat vergeven.
55:06En behoud het goede wat we ook weer gelezen hebben uit die woord.
55:12Heren we leggen het zo voor u neer.
55:14En we bidden het u om de heren Jezus wil.
55:19Amen.
55:22Dan gaan we nog een lied zingen met elkaar.
55:27En het is een zegenbede.
55:29Dat is een heel mooi vers.
55:32Zegen ons de al goede.
55:34Neem ons in uw hoede.
55:36En verhef uw aangezicht.
55:39Over ons en geef ons licht.
55:42En het tweede vers.
55:43Stort op ons beden.
55:46In ons hart uw vrede.
55:48En vervul ons met de kracht van uw geest.
55:52Bij dag en nacht.
55:54En dan het laatste vers.
55:57Amen, amen, amen.
55:59Dat wij niet beschamen.
56:01Jezus Christus, onze Heer.
56:04Amen, God.
56:06Uw naam ter eer.
56:09[GEZANG]
59:58Eigenlijk was dit lied een gebed.
1:00:01Een gebed om de zegen van de Heren te vragen.
1:00:07Voordat we naar huis gaan, kijken jullie de grond na voor alle propjes en snoeppapiertjes.
1:00:14Dat raap je op, zodat we de kerken netjes achterlaten.
1:00:17Je neemt ook je programma mee.
1:00:20En straks voordat jullie naar huis gaan, is er een collectenzak.
1:00:24Dus zoek je bonnetje op, dan kan dat straks in de collectenzak.
1:00:28Dank jullie wel.
1:00:29Ik wens jullie nog fijne dagen toe.
1:00:31[GEZANG]