0:00[GEZANG]
9:44Onze hulp en onze verwachting is in de naam des Heren, die hemel en aarde gemaakt heeft, die trouw houdt van geslacht tot
9:56geslacht en die leeft tot in der eeuwigheid en die niet laat varen de werken van zijn handen.
10:04Amen.
10:07Genade zij u en vrede van hem die is en die was en die komen zal.
10:13En van de zeven geesten die voor zijn troon zijn.
10:17En van Jezus Christus die de getrouwe getuige is.
10:22De eerstgeborene uit de doden.
10:25En de overste van de koningen der aarde.
10:30Amen.
10:31Kom
10:33gemeente laten wij met elkaar zingen uit psalm 119.
10:37Het 24ste vers.
10:39Ik zal uw geboden die ik oprecht bemin.
10:44Mijn hoogst vermaak, mijn zielsgenoegen achten.
10:48En wat er verder volgt, 24e vers uit psalm 119.
10:52[GEZANG]
13:47Vanavond met de kerk van alle tijden en alle plaatsen beleidenis van ons algemeen en ongetwijfeld christelijk geloof met de woorden van de twaalf artikelen.
13:57En zingen daarna uit psalm 92 het derde vers.
14:02Hoe groot zijn heren uw werken.
14:06En wat er verder volgt, derde vers uit Psalm 92.
14:09Na de beleidenis van het geloof en een ieder van u spreken met mij.
14:14In zijn of haar hart al dus.
14:17Ik geloof in God, de Vader, de Almachtige, Schepper des hemels en der aarde.
14:26En in Jezus Christus, zijn enige geboren Zoon, onze Heer.
14:32Die ontvangen is van de Heilige Geest.
14:35geboren uit de maagd Maria, die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven, nedergedaald
14:47ter helle.
14:48Ten derde dagen wederom opgestaan van de doden, opgevaren ten hemel, zittende ter rechterhand gods des almachtige vaders, van waar hij komen
15:00zal om te oordelen.
15:02De levende...
15:04[GEZANG]
15:26In verband
15:28[GEZANG]
17:18met de behandeling van zondag.
17:20Vers 42 vindt u de schriftlezing in het evangelie naar de beschrijving van Lukas.
17:26En we lezen daar het zestiende hoofdstuk te beginnen bij vers 1 tot 13.
17:34Dus de schriftlezing voor vanavond is Lukas 16 vanaf vers 1 tot 13.
17:44En hij zei ook tot zijn discipelen er was een zeker rijk mens welke een rentmeester had.
17:53En deze werd bij hem verklaagd als die zijn goederen doorbracht.
17:58En hij riep hem en zei tot hem, hoe hoor ik dit van u?
18:03Geef rekenschap van uw rentmeesterschap, want gij zult niet meer kunnen rentmeester zijn.
18:11En de rentmeester zei bij zichzelf, wat zal ik doen?
18:15Terwijl mijn heer dit rentmeesterschap van mij neemt.
18:20Graven kan ik niet.
18:22Te bedelen schaam ik mij.
18:24Ik weet wat ik doen zal.
18:26Opdat wanneer ik van het rentmeesterschap afgezet zal wezen.
18:30Zij mij in hun huizen ontvangen.
18:34En hij riep tot zich een iegelijk van de schuldenaars zijn zeren.
18:39En zei tot de eerste hoeveel zijt gij mijn heer schuldig.
18:44En hij zei de honderd vaten olie.
18:46En hij zei tot hem neem uw handschrift.
18:49En nederzittende schrijf haastig.
18:54Daarna zei hij tot een ander, en gij, hoeveel zijt gij schuldig?
18:59En hij zei, de honderd mudde tarwe.
19:02En hij zei tot hem, neem uw handschrift en schrijf tachtig.
19:07En de heer prees de onrechtvaardige rentmeester, omdat hij voorzichtelijk gedaan had.
19:15Want de kinderen deze wereld zijn voorzichtiger dan de kinderen des lichts in hun geslacht.
19:22En ik zeg u lieden, maak uzelf vrienden uit de onrechtvaardige mammon, opdat wanneer u ontbreken zal zij u mogen ontvangen in de eeuwige
19:34tabernakelen.
19:35Die getrouw is in het minste, die is ook in het grote getrouw.
19:40En die in het minste onrechtvaardig is, die is ook in het grote onrechtvaardig.
19:48Zou gij dan in de onrechtvaardige mammon niet getrouw zijn geweest, wie zal u het ware vertrouwen?
19:56En zou gij ineens andersgoed niet getrouw zijn geweest, wie zal u het uwe geven?
20:05Geen huisknecht kan twee heren dienen, want of hij zal de ene haten en de ander lief hebben, of hij zal de ene aanhangen en de andere verachten.
20:18Gij kunt God niet dienen en de mammon.
20:23Tot zover de schriftlezing.
20:25Laten wij eerst de Heere vragen om zijn onmisbare zegen.
20:30Laten wij bidden.
20:37Heere, u bent de rechtvaardige en heilige God in de hemel.
20:43U bent het die zich verbindt aan mensen en zegt, ik ben de Heere uw God.
20:52Maar u voegt daarbij en gij zult mij tot een volk zijn.
20:59En het kenmerk van dat volk is toch dat ze uw wet lief hebben.
21:05Omdat het uw wil is.
21:09Uw geboden betrachten.
21:12En dat uit dankbaarheid.
21:16Gun ons heren door het geloof in Christus krachten.
21:24Om die te doen uit dankbaarheid.
21:28Dan is het tegen ons vlees.
21:33Want het vlees onderwerpt zich de wet gods niet.
21:38Dan is het een strijd, heren.
21:41U weet alle dingen.
21:43U weet bij de jongens en meisjes en de jongeren van de gemeente.
21:48Maar ook bij de ouderen.
21:51Of er ook werkelijk sprake is van een strijd.
21:56Als we u toch lief hebben, dan
21:59krijgen we uw geboden lief.
22:01Dan krijgen we uw dag lief.
22:03Dan krijgen we uw dienst lief.
22:06Dan krijgen we uw volk lief.
22:09En heren, werk dat in ons alle leven.
22:14En opdat we niet in eigen kracht het zouden proberen.
22:20Het is
22:22onmogelijk.
22:25Maar om door het geloof in Christus.
22:28Heren werk dat ware geloof in onze harten.
22:33Schenk daartoe de werking.
22:36De bediening van uw heilige geest.
22:39Want die is het toch.
22:41Die door het evangelie dat geloof werkt.
22:45In mijn hart ontsteekt.
22:49Om de verborgenheid te verstaan.
22:54Dat
22:56uw zoon.
22:57Nou de wet volkomen vervuld heeft.
23:01Niet de niet gedaan.
23:03Maar volbracht.
23:06Volkomen.
23:07In een weg van gehoorzaamheid.
23:11En hier hebben we beleiden het.
23:14Wij zijn ongehoorzaam.
23:17En onze gehoorzaamheid kan ons niet redden van de dood.
23:23En daarom hebben we de gerechtigheid van de Heer Jezus Christus nodig.
23:29Werk dat.
23:31Wie we ook zijn, heren.
23:33En werk die honger en dorsten naar uw gerechtigheid.
23:41U weet wat nodig is in de gemeente.
23:45U weet wat nodig is in uw kerk.
23:47De kerk zo verdeeld en verward, heren.
23:52We dragen de kerk van Nederland aan u op, maar ook hier ter plaatse.
23:57De
23:58gemeenten waar uw woord verkondigd wordt.
24:03En we bidden om de krachtige doorwerking van uw heilige geest.
24:09En breng dan nog bijeen wat ook bijeen hoort.
24:14En heren, geef wat nodig is.
24:17In ons land en onder ons volk, in de regering.
24:22Als we toeleven naar de derde dinsdag.
24:25Als het spannend is de begroting rond te krijgen.
24:31Maar heren, geef mensen in de regering die naar u vragen.
24:36Naar uw sterkte.
24:40En dat ook de overheid ervoor bewaard wordt.
24:45Om te stelen.
24:47En we bidden heren.
24:50Om uw nabijheid.
24:52In het koningshuis.
24:53Werkt nog waarachtige bekering.
24:58Wees nog in gevangenissen heren.
25:00Waar het
25:02een wonder is.
25:04Dat wij niet in de gevangenis zitten.
25:08Omdat het uw bewarende en sparende genade is.
25:14En al dat we daar u dankbaar voor zouden zijn.
25:18Maar ook als er bezocht wordt, het evangelie verkondigd wordt.
25:24We denken ook aan dominee van Etikhoven.
25:28Die namens de hersteld hervormde kerk is uitgezonden.
25:32Om in gevangenissen het woord te verkondigen.
25:37En pastoraat te bedrijven.
25:40Maar ook de lege predikanten, we dragen ze aan u op heren.
25:45Dat ze tot rijke zegen mogen zijn.
25:49Ja, alle hulpverleners.
25:51De brandweer, de politie, de ambulancepersoneel.
25:57Heren, gedenk nog naar de grootheid van uw genade.
26:01Het werk in de gemeente, het ambtelijke werk, het kerkvolgelijke werk.
26:07Het werk gedaan door kosten en organisten.
26:11Door
26:13vrijwilligers.
26:14Zoveel werk wat er gebeurt, heren.
26:19Soms maar weinig waarderen.
26:21Maar wat een wonder is het.
26:24Dat we samen mogen komen.
26:25In alle rust.
26:27Met alle gemakken voorzien.
26:30Er is licht.
26:32Er is warmte.
26:34Er is geluid.
26:36En heren.
26:37Laat het toch niet vanzelfsprekend zijn voor ons.
26:41Maar dat u doorgaat.
26:43Niet alleen in ons land.
26:46Maar ook buiten de landsgrenzen.
26:48Het zendingswerk dragen we op.
26:51De vervolgde kerk, heren, geef leidzaamheid.
26:56We dragen het Joodse volk aan u op in en buiten Israël.
27:02En dat ze toch u zullen erkennen in uw Zoon, de Heer Jezus Christus.
27:11Omdat Hij gekomen is, bij de muren van Jeruzalem geweend heeft.
27:19Omdat hij hen bijeen wilde vergaderen.
27:22Dat wilde niet met het Joodse volk.
27:26Dat wil hij met ons.
27:28Bijeen vergaderen.
27:31Opdat wij zijn heil zouden zien.
27:35Heren werk dat nog.
27:38En bekeer nog tot u.
27:40Maar ook de volk in het Midden-Oosten.
27:44Heren zoveel spanning.
27:47Oorlogsgeweld.
27:48Terrorisme.
27:50Geef vrede.
27:52Dan is er maar één vrede.
27:55Dat is de vrede in uw Zoon.
27:57De Heer Jezus Christus.
28:01Heren wat zal het zijn.
28:04Als alle knie zich voor hem zal buigen.
28:08En alle mond hem zal roemen.
28:11Hem beleiden.
28:13Heren werk het dan nog verlevendig zo uw kerk.
28:18Help ons vanavond door de werking en de kracht van uw heilige geest.
28:23In spreken en in luisteren.
28:27Heren werk nog tot de eer en de verheerlijking van uw grote naam.
28:32Het gaat toch om uw naam.
28:34En om uw zaak.
28:38Bekeer nog tot u.
28:40Dat bieden wij van u.
28:42Om Christus wil alleen.
28:45Amen.
28:50Namens.
28:51De kerkenraad zijn er nog de volgende afkondiging in verband met de te houden heiligavondmaal.
28:57Volgende week zondag zal er maandag 7 september censura morem worden gehouden in de consestorie.
29:05Aanvang daarvan is kwart over zeven.
29:08En aansluitend hierop zal om acht uur het bezinningsuur plaatsvinden in Ebena Ezer.
29:16Volgende week zondag zal de diakoniecollecte bestemd zijn voor noodhulp aan de slachtoffers van de overstroming in Nepal en Tibet.
29:25Dit alles zal de Heere wil en wij leven.
29:30In de dienst der offerhanden worden van u een drietal gaven gevraagd.
29:34De eerste collecte is bestemd voor het pastoraat, tweede voor de kerkvoldij en de derde voor de aflossing van de kerk.
29:42Alle drie de collecten van harte.
29:44In die mildadigheid aanbevolen de heren zegenen u en uw liefde gaven.
29:51Wij gaan zingen met elkaar op Psalm 24.
29:54En we zingen daarvan het eerste, tweede en ook het derde vers.
29:59Psalm 24 vers 1.
30:02Al de aarde en alles wat zij geeft.
30:06Met al wat zich beweegt en leeft.
30:09Zijn het wettig eigendom des heren.
30:12Tweede vers, wie klimt de berg des Heren op?
30:16En ook het derde vers, die zal door zere gunst geleid en zegen en gerechtigheid van God de godszijnsheils ontvangen.
30:27Wij noemden het eerste, tweede en derde vers uit Psalm 24.
30:31[GEZANG]
37:09Gemeente, aan de beurt is zondag 42 uit de Heidelbergse katechismes, de vragen 110 en 111.
37:19En dan wordt er gevraagd in vraag 110, wat verbiedt God in het achtste gebod?
37:26Antwoord, God verbiedt niet alleen dat stelen en roven terwijl ik de overheid straft.
37:34Maar hij noemt ook dieverij, alle boze stukken en aanslagen waarmee wij ons naast de goed denken aan ons te brengen.
37:44Het zij met geweld of schijn des rechts.
37:49als met vals gewicht, el, maat, waar, munt, woeker, of door enig middel van God verboden, daarin boven ook alle
38:01gierigheid, alle misbruik en verkwisting zijn er gaven.
38:08Maar wat gebiedt u, God, in dit gebod?
38:14Antwoord dat ik mijns naaste nut, waar ik kan en mag,
38:20Met hem al zo handel als ik wilde dat men met mij handelde.
38:28Daarinboven ook dat ik trouwelijk arbeid opdat ik de nooddruftige helpen mogen.
38:36Tot zover zondag 42.
38:39En zondag 42 bepaalt ons bij ons rentmeesterschap.
38:49Een drietal gedachten daarbij.
38:50In de eerste plaats, wij ontvangen uit Gods hand.
38:56Ten
38:58tweede, wij gebruiken, wij verkrijgen naar Gods wil.
39:06En in de derde plaats, wij gebruiken tot Gods eer.
39:12Ons rentmeesterschap.
39:14Ten
39:15eerste, wij ontvangen uit Gods hand.
39:20Ten tweede, wij verkrijgen naar Gods wil.
39:26En ten derde, wij gebruiken tot Gods eer.
39:35Gemeente, misschien niet helemaal meer een alledaags woord.
39:40Rentmeester.
39:41Alhoewel ze nog steeds bestaan.
39:43Maar ik denk ook voor onze jongens en meisjes.
39:46Dan heeft dat wel wat uitleg nodig.
39:49Wat is nou een rentmeester?
39:52Een rentmeester is iemand die is verantwoordelijk voor de goederen van iemand anders.
39:59Iemand anders heeft bezittingen.
40:02Misschien wel zoveel bezittingen dat hij zelf het overzicht daar niet meer over heeft.
40:08En daarom dat uitbesteed aan een rentmeester.
40:12Dat uitbesteed omdat iemand anders daar misschien veel beter is om al die bezittingen te onderhouden.
40:20En daarom stelt hij dan een rentmeester aan.
40:23Die rentmeester is verantwoordelijk voor het beheer van de goederen van zijn meester.
40:31Dus die goederen zijn niet van hemzelf.
40:35Maar hij beheert ze in de naam van zijn meester.
40:41In de naam van zijn opdrachtgever.
40:46Maar die goederen zijn niet van hemzelf.
40:50Dus alles wat hij onder zijn beheer heeft, dat is van iemand anders.
40:56En daarom een prachtig beeld, gemeente, van ons aller bestaan.
41:02Wij zijn slechts rentmeesters.
41:07Al is wat wij bezitten, en dat geldt niet alleen voor het materiële, maar ook voor het gaat als het over gaat over onze kinderen.
41:20Wij zijn slechts rentmeesters.
41:23Alles is te leen gegeven.
41:29En wij hebben een uitdrukking.
41:31In een doodshemd zitten geen zakken.
41:34In Opheusden zeiden ze dan.
41:36Aan een lijkauto zit geen trekhaak.
41:39Dus we kunnen niks meenemen daarvan.
41:43En daar ziet u al dat niets van ons is.
41:47En toch
41:49gebruiken we het zo makkelijk.
41:51Ons huis.
41:53We hebben het over ons gezin.
41:55We hebben het over onze kerk.
41:59En over onze gemeente.
42:02Maar ten diepste is er helemaal niets van ons bij.
42:08Wij zijn slechts rentmeesters.
42:12Maar
42:17van wie is het dan?
42:20Wie is dan de eigenaar?
42:25En de eigenaar, dat
42:29is de heren.
42:31Daar hebben we van met elkaar gezongen uit psalm 24.
42:37Een hele indrukwekkend, als u de onbereimde versie leest.
42:43Een psalm van David.
42:45De aarde is des Heren, mitschades haar volheid.
42:50Dus alles wat tot de aarde behoort, dat behoort tot het eigendom van de heren.
42:57Tot de heer, eigendom van de heren, de wereld en die daarin wonen.
43:03Dus ook u en jullie jongens en meisjes, wij allen zijn het eigendom van de heren.
43:11En dan is het ook weer heel bijzonder, want heren wordt dan geschreven met vijf hoofdletters.
43:19Het gaat om de getrouwe, de onveranderlijke verbondsgod.
43:29En we hebben vorige week nog het sacrament van de heilige doop bediend.
43:34Het is zo treffend.
43:36Daarom worden wij gedoopt in de naam des vaders.
43:41Omdat hij met ons een eeuwig verbond der genade opricht.
43:47Ons tot zijn kinderen en erfgenamen aanneemt.
43:52En ons met alle goed verzorgen wil.
43:59Dat kwaad ten onze beste keren wil.
44:02Dus hij is het.
44:04Die ons de getrouwe onveranderlijke verbondsgod.
44:09Wil u en jullie met alle goed verzorgen.
44:16En dat betreft natuurlijk in de eerste plaats.
44:19Als het gaat om de eeuwige dingen.
44:22Om de geestelijke dingen.
44:24Om de dingen die de tijd overstijgen.
44:30Maar het gaat ook over het materiële, over het tijdelijke, over het hier en nu.
44:36De heren wil je met alle goed verzorgen.
44:43Als je het dan moeilijk hebt.
44:46Als je het niet rond kan krijgen.
44:49We lezen steeds meer berichten in de krant dat het steeds moeilijker wordt.
44:55Om financieel de eindjes aan elkaar te knopen.
45:00En dan om de heren te...
45:03Aan te roepen op zijn trouwverbond.
45:06Heren u hebt het toch beloofd.
45:09U hebt het verzegeld aan mijn voorhoofd.
45:17Maar de heren is soeverein.
45:22En soeverein dat is iets anders dan willekeurig.
45:26Of grillig.
45:28Dat je er niet van op aan kunt.
45:31Maar de heren geeft aan wie hij wil.
45:35En de heren weet precies wat goed is voor u.
45:42En wat u nodig hebt.
45:47En dan is de ware dankbaarheid om hem daarvoor te erkennen.
45:52Niet alleen voor de dingen die hij geeft.
45:55Maar ook voor de dingen die hij ons onthoudt.
46:02En wat u misschien graag zou willen hebben.
46:06Maar niet goed is voor u.
46:12De aarde en haar volheid is van de heren.
46:21En die aarde die...
46:23stelt hij ter beschikking aan ons, als
46:29rentmeester, om
46:34zijn raad te volvoeren.
46:40En gemeente, het is maar één zin, maar dat is iets waar u over na moet denken.
46:46Dat overigens doortrekt deze hele zondag.
46:50Dus hij geeft u de aarde om
46:56zijn raad te volvoeren.
47:01Hij geeft u uw bezittingen om
47:05zijn raad te volvoeren.
47:09En wat is dan zijn raad?
47:12Als
47:13het gaat over die raad, Gods raad, die hij volvoert, is de kern van die raad, is het zalige van zondaren.
47:25En dat hij zich door zijn zoon, de Heer Jezus Christus, uit het ganse menselijke geslacht,
47:33Zich een gemeente ten eeuwige leven vergadert.
47:37En
47:40dan moeten alle dingen meewerken ten goede.
47:45En dat er een kerk zalig wordt.
47:48Dat zijn huis vol wordt.
47:52Had u dat al eens zo gezien.
47:54Die link zo gelegd.
47:56Dus daarom geeft de heren u.
47:59Uw huis.
48:00Uw auto.
48:03Uw geld.
48:04Uw bankrekening.
48:07Om zijn raad.
48:12Om
48:18een kerk zalig te maken.
48:23Die het eeuwige leven zullen beërven.
48:26Dat betekent gemeente dat het uit zal lopen.
48:29Op een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
48:34Dus hier alles maar tijdelijk.
48:37Maar eventjes.
48:39Maar alles in het licht van de eeuwigheid.
48:45En dat is waar dit gebod ons op wijst.
48:49We zijn rentmeester, u kunt niets meenemen.
48:52Maar opdat u hetgeen de Heere u toevertrouwd heeft...
48:59dat het zou dienen tot het volvoeren van zijn raad.
49:04Het volvoeren van zijn raad in het zalige van zondaren.
49:13En daarom geeft de Heere nou een mens talenten, kwaliteiten.
49:22En wat kan het verschillend zijn?
49:25En ongetwijfeld zijn er in Oudorp ook, zijn er denkers en doeners.
49:32Maar als er alleen maar denkers waren, dan zou er niet veel van de grond komen.
49:38Dus er moeten ook doeners zijn.
49:41En denkers hebben doeners nodig en doeners hebben denkers nodig.
49:46En prachtig als je dat mag zien.
49:50In het licht van het volvoeren van Gods raad.
49:55En dat de heren mij dan...
49:57De kwaliteiten geeft die nodig zijn.
50:00En of u goed bent met uw handen.
50:03Of dat u goed bent met uw hoofd.
50:06Maar dat de heren nou de talenten geeft.
50:11Om zijn raad te volvoeren.
50:15En dan is de grote vraag.
50:17Wat wil de heren dan met jou leven jongen?
50:21Heb je daarover nagedacht?
50:23Misschien wel keuzes gemaakt.
50:26Voor een opleiding.
50:27Het afgelopen jaar.
50:31Afgelopen vakantietijd.
50:32Misschien moest je wel kiezen voor een profiel.
50:37Maar wat wil de Heere nou met jouw leven?
50:44En dat geldt niet alleen voor als we nog op school zitten.
50:48Maar ook als we deelmaken van het arbeidsproces.
50:55Telkens weer die vraag.
50:57Heere, wat wil u dat ik doen zal?
51:03Het geldt niet alleen voor een opleiding die je kiest.
51:06Het geldt niet alleen voor een beroep dat je kiest.
51:10Het geldt ook voor een werkkring.
51:12Ik weet nog vroeger thuis.
51:15Als mijn broer en ik nog wel eens uit de krant zaten te lezen.
51:18Een mooie advertentie.
51:19Dat is nou typisch een baan voor jou, zeiden we dan tegen elkaar.
51:24En dan zei mijn moeder.
51:25En wat vindt de Heere daarvan?
51:32En de Heere geeft dan ook de mogelijkheden.
51:36Om onze talenten te ontwikkelen.
51:41Misschien hebt u wel een briljant idee.
51:44En denkt u daar kan ik wel een bedrijf mee beginnen.
51:48Maar als de markt niet mee zit.
51:51Of als er allerlei tegenslag plaatsvindt.
51:54Dan merkt u het.
51:57U kunt niets.
51:58Maar u bent in alles afhankelijk.
52:01Hebt in alles de heren nodig.
52:04En dat is bijzonder gemeend als je ziet.
52:07Dat je geen euro teveel krijgt.
52:11En u zit misschien te rekenen.
52:13Hoe u alles rond krijgt.
52:15En dan denkt u het gaat net.
52:18En dan rijdt u een deuk in uw auto.
52:21En de stofzuiger zuigt in elkaar.
52:23En de wasmachine hebt reparatie nodig.
52:25En dan zit u weer onder het nulpunt.
52:30De Heere is niet voor te rekenen.
52:33En niet na te rekenen.
52:35En u wil het zo graag onder controle hebben.
52:39Maar u krijgt het niet onder controle.
52:42De Heere wil zo graag dat u het overgeeft aan hem.
52:46Omdat hij het is die de eigenaar is van alles.
52:51En dat u slechts rentmeester bent.
52:55Nou slechts rentmeester.
52:57Dat is bijzonder dat de heren dat
53:01u toevertrouwt.
53:03Dat gedeelte.
53:06Zoals we daar ook van gezongen hebben.
53:09Ook uit psalm 92.
53:10Dat hij zijn grenzen stelt.
53:14Het ligt alles in de hand.
53:17En wat nou zo nodig is.
53:19Wij ontvangen uit Gods hand.
53:22Zo nodig is om dat te erkennen.
53:26Te erkennen dat nou alles.
53:29Maar dan ook alles in de hand van de Heren ligt.
53:33En prachtig.
53:35Als u dan het volk Israël ziet.
53:37Hoe de Heren hen leidt door de woestijn heen.
53:41Hij heeft maar één doel voor ogen.
53:43Om hen in het beloofde land te brengen.
53:46Het land vloeiende.
53:47Van melk en honing.
53:50Het land Kanaan.
53:52En dat hij ze geeft wat nodig is.
53:56En hij straft ze.
53:58Als ze ongehoorzaam zijn.
54:00En als ze hun eigen weg kiezen.
54:03Maar als ze in nood zijn.
54:04En ze roepen tot de heren.
54:06Dan zorgt de heren voor uitkomst.
54:08Voor eten.
54:09Voor drinken.
54:10Voor bevrijding van de vijanden.
54:14En maar met één doel.
54:16Dat ze erkennen zullen dat de Heere hen in het hemelse kanaan wil hebben.
54:22Dat is de lijn naar vandaag.
54:25En dat hij ze tot een groot volk zal maken.
54:29Een schare die niemand tellen kan.
54:31Uit alle volken, natieën, talen en tongen.
54:40Dat u tot de erkenning komt.
54:43En wat komt er dan dichtbij gemeente?
54:46Zo in de dagdagelijkse dingen.
54:51En dan maakt het geen verschil of het zondag is of maandag is.
54:55Of dinsdag.
54:58Maar iedere dag weer zijn hand opmerken.
55:02En dat hij het is.
55:05Die de eigenaar is van alles.
55:07Dat hij het u slechts te leen geeft.
55:13Opdat zijn raad volvoerd zou worden.
55:19Dat u tot de erkenning komt.
55:22Dat hij mijn.
55:24Vader is.
55:26Een vader die zorgt en geeft wat nodig is.
55:31En dan denk ik aan zondag 9.
55:33Wat gelooft gij met deze woorden?
55:36Ik geloof in God de Vader.
55:38De almachtige schepper des hemels en der aarde.
55:42En dan moet u luisteren.
55:44Dat de eeuwige vader van onze Heer Jezus Christus.
55:49En dan laat ik even wat bijzinnen weg.
55:52Dat de eeuwige vader van onze Heer Jezus Christus.
55:58Om zijn zoons Christus wil.
56:02Mijn God en mijn vader is.
56:06Op welke ik al zo vertrouw.
56:09Dat ik niet twijfel of hij zal mij met alle noodruf des lichaams en der ziel verzorgen.
56:16En ook al het kwaad dat hij mij in dit jammerdaal toeschikt.
56:20Mij ten beste keren.
56:22Terwijl hij zulst doen kan als een almachtig God.
56:26En ook doen wil als een getrouw vader.
56:33Omwille van het volbrachte werk van zijn zoon.
56:37Gemeente, als u dat gaat zien, dan komt er dankbaarheid.
56:41Want we zijn toch in het stuk van de dankbaarheid.
56:46En daarom moet de wet ook uitgelegd worden.
56:49in het stuk van de dankbaarheid.
56:51U zat misschien al te beven.
56:53U dacht, het gaat natuurlijk weer over het invullen van mijn belastingformulier.
56:59Nee, het gaat over die ware dankbaarheid.
57:03En om zo te zien dat ons leven ligt...
57:07in de hand van die trouwe vader...
57:11en dat ik slechts een rentmeester ben...
57:15op dat God ook door de dingen die...
57:20Hij aan mij heeft toevertrouwd dat hij zijn raad volvoert.
57:26Wij ontvangen uit Gods hand onze eerste gedachte.
57:32Wij verkrijgen naar Gods wil onze tweede gedachte.
57:38Want dan is het bijzonder gemeente.
57:40U hebt nergens recht op.
57:43U hebt niets verdiend.
57:45Maar het is alles Gods gaven.
57:49Wat u ontvangen hebt.
57:52Het komt ons alles uit zijn vaderhand toe.
57:58En of u hoog springt of laag springt.
58:03Maar het is zijn genade.
58:06Het is zijn gave.
58:09Wat betekent dat dan?
58:11Dat je erbij kunt gaan zitten.
58:13Met de armen over elkaar.
58:14Als het toch alles genade is.
58:17Dan kan ik er wel bij gaan zitten.
58:21Ons huwelijksformulier zegt.
58:24Dat de Heere iedere man zijn eigen vrouw geeft en dat het zijn hand is die man en vrouw bij elkaar brengt.
58:35Maar jongen, als je bij de kachel blijft zitten, dan gebeurt er niks.
58:39Dus je moet erop uit.
58:42Maar in afhankelijkheid, in het besef dat het de Heere is die alle dingen stuurt en leidt.
58:51En daarom mogen wij de talenten die de Heere ons geschonken heeft, die mogen we ook niet begraven.
58:57Zoals ook in die gelijkenis waar de Heere een talent gaf aan iemand en die begroef het.
59:05En de Heere bestraft hem.
59:08Geluide dienstknecht.
59:12De Heere volvoert zijn raad door
59:17uw beslissingen heen.
59:20Dus uw beslissingen...
59:23Gebruik de heren om zijn raad te volvoeren.
59:30Dat maak je zo klein.
59:34En dat zou ons juist die afhankelijkheid moeten leren.
59:40Dat laat ons rentmeesterschap.
59:43Maak dat duidelijk.
59:45Niets uit ons.
59:46Het is alles uit hem.
59:49God stuurt en regeert deze wereld door onze beslissingen heen.
59:57Een prachtig voorbeeld.
1:00:00Dan moet u Pilatus nemen.
1:00:02Pontius Pilatus.
1:00:04Het is niet voor niets dat onze beleidenis daar een dikke streep onder zet.
1:00:10Gekruisigd onder Pontius Pilatus.
1:00:17Pontius Pilatus had de keuze om
1:00:22de Heer Jezus vrij te laten.
1:00:27Hij stond in zijn volste recht.
1:00:30Hij vond geen schuld in de mens.
1:00:33En toch...
1:00:36En daar kunt u van alles bij bedenken waarom hij dat dan toch gedaan heeft.
1:00:40Maar hij komt tot de beslissing om de Heer Jezus over te geven.
1:00:46Om hem te laten kruisigen.
1:00:49Zo regeert de Heer deze wereld.
1:00:54Door de beslissingen van mensen.
1:00:58En daarom gemeente.
1:01:00En jongens en meisjes of je jong bent of oud.
1:01:03Het geldt voor ons allemaal hetzelfde.
1:01:06Hoe neem je dan de beslissingen?
1:01:10En wees eens eerlijk.
1:01:12Gewoon de afgelopen week.
1:01:13Hoeveel beslissingen hebt u genomen.
1:01:15Zonder de
1:01:18heren daarin te erkennen.
1:01:24En beslissingen kunnen grote gevolgen hebben.
1:01:27Alhoewel het kleine beslissingen lijken te zijn.
1:01:32En daarom wat hebben we nodig.
1:01:34Om in afhankelijkheid van de heren.
1:01:38Onze weg te gaan.
1:01:40En dat betekent ook niet alleen.
1:01:44Dat wij ervaren dat we afhankelijk zijn, maar dat we ook opmerkzaam zijn.
1:01:50En dat we zien hoe de Heer werkt en hoe Hij het is die alle dingen bestuurt en leidt.
1:01:58En dan kunnen wij onze plannen maken, maar dat kan zo doorkruist worden.
1:02:04En dat Heer andere dingen op uw pad geeft.
1:02:11De onderwijzer die verbiedt niet alleen stelen en roven.
1:02:20U zegt, is daar verschil dan tussen stelen en roven?
1:02:24Nou, stelen, dat gebeurt als u er niet bij bent.
1:02:27En roven, dat gebeurt als u erbij bent en als er eventueel geweld gebruikt wordt en het u ontroofd wordt.
1:02:37Denk aan een oud collega die
1:02:40met zijn auto door Utrecht reed en hij had zijn laptop in een tas op de achterbank liggen en hij stond voor een stoplicht te wachten.
1:02:48En ineens werd de deur opengetrokken.
1:02:51Zijn tas van de achterbank gegrist.
1:02:55En zijn laptop weg.
1:02:58Dus hij naar het politiebureau.
1:03:00Een hele lange file.
1:03:03Voor de balie met aangiftes.
1:03:07En uiteindelijk was hij aan de beurt.
1:03:09En hij zei tegen die agent.
1:03:11Ik kom aangifte doen.
1:03:13Van diefstal.
1:03:16En hij vertelde zijn verhaal.
1:03:17Nee, zei die agent.
1:03:19Dan bent u bij het verkeerde loket.
1:03:22Want hier gaat het over stelen.
1:03:24Maar in uw geval heeft er een roof plaatsgevonden.
1:03:32Niet alleen stelen en roven.
1:03:35Het welk de overheid straft.
1:03:42Maar hij noemt ook dieverij.
1:03:44Alle boze stukken en aanslagen.
1:03:46Waarmee we ons eens naast de goed denken aan ons te brengen.
1:03:51Het zijn met geweld of schijn des rechts.
1:03:53Met vals gewicht, elmaat, waar.
1:03:56Munt of hoeker.
1:03:59Je zou zomaar kunnen denken, gemeente, dat het hier alleen over middenstanders gaat.
1:04:05Over winkeliers.
1:04:07Die zo op een oneigenlijke manier hun goederen vermeerderen.
1:04:15Maar het gaat niet alleen over winkeliers.
1:04:18Het gaat ook over marktplaats.
1:04:23En dan zeg ik geen rare dingen, toch?
1:04:28Om eerlijk te zijn.
1:04:30Als u dingen verkoopt...
1:04:34Geen verborgen gebreken.
1:04:36Dat u weet dat de dingen niet kloppen.
1:04:40Maar eerlijk zijn.
1:04:42Of
1:04:46zoals de katechismes het zeggen.
1:04:48Of door enig middel van God verboden.
1:04:55En daarom, ik heb het net al even iets genoemd.
1:04:59Moeten wij ook voorzichtig zijn gemeente.
1:05:01Om zomaar een andere baan.
1:05:04Van andere betrekking aan te nemen.
1:05:06Omdat we dan denken dat we meer kunnen verdienen.
1:05:10Het
1:05:15gras aan de overkant is altijd groener.
1:05:20Maar bijzonder is het als u met vreugde mag arbeiden.
1:05:26En als de Heere zo ook uw werk zegent.
1:05:30Dat u op een plaats mag zijn.
1:05:35Waar u ook een boodschap hebt.
1:05:38Dat het te zien is in uw leven.
1:05:41Het leven met de heren, het leven in afhankelijkheid van de heren en hoeveel vreugde dat geeft.
1:05:52Want misschien als het gaat om de geboden van de wet, zoals die iedere zondagmorgen worden voorgelezen.
1:06:03Dan denken wij misschien, nou ja, dat achtste gebod, dat valt nog wel mee.
1:06:07Of zoals een van de broeders zei in de concertoriekamer, kunnen
1:06:13we het niet overslaan, dit gebod.
1:06:16Raakt het ons wel?
1:06:18Betreft het ons wel?
1:06:21En hij zei dat natuurlijk met een bepaalde ondertoon.
1:06:25Want wij denken, ja wij zijn toch geen dieven?
1:06:29Maar
1:06:32gemeente, wij zijn...
1:06:38Ik moet het goed zeggen.
1:06:43Wij zijn geen dief omdat we stelen.
1:06:49Maar wij stelen omdat wij dieven zijn.
1:06:53Wij
1:06:57zijn geen dief omdat we stelen.
1:07:03Maar wij stelen omdat wij dieven zijn.
1:07:07Dat zaad, ook
1:07:11als het gaat over het achtste gebod, dat ligt in ons allerhard.
1:07:19Want de
1:07:22onderwijzer gaat ook verder.
1:07:24Wat van God verboden is, ook alle gierigheid en alle misbruik en verkwisting zijn er gaven.
1:07:39Dus ook als wij vastzitten aan onze bezittingen, dan
1:07:48overtreden we het achtste gebod.
1:07:57Gierigheid is overigens iets anders dan zuinigheid.
1:08:03Ik zal u dat met een voorbeeld duidelijk maken, een voorbeeld uit de praktijk.
1:08:08Een verhaal is alweer een jaar geleden dat ik van een neef hoorde die reed voor een veevoederbedrijf.
1:08:16En die moest veevoer rondbrengen, kwam bij een...
1:08:19Klein boertje, zakken.
1:08:22En die moest hij in een ton doen.
1:08:25Dus de eerste zak had hij in de ton geleegd.
1:08:28En gooide de zak weer terug op de vrachtwagen.
1:08:32En toen zei die boer, ho, ho, wacht even.
1:08:36Keerde de zak binnenstebuiten.
1:08:39En schraapte hem met zijn zakmes de laatste korreltjes eraf in de ton.
1:08:45En zo ging dat met iedere zak.
1:08:48En mijn neef dacht, wat een kruper.
1:08:51Wat een gierig hart.
1:08:55Maar toen hij alle zakken gelost had, zei die boer, wacht even.
1:08:59En hij ging er binnen en hij haalde een grote sigaar voor mijn neef.
1:09:04Hij zei, alsjeblieft.
1:09:05Die man, die was niet gierig, maar die was zuinig.
1:09:11Want in de katechismes gaat het ook over verkwisten.
1:09:17Het verkwisten, en dat kunt u heel breed opvatten.
1:09:22Het verkwisten,
1:09:24omdat...
1:09:28Iets uit de mode is.
1:09:31Het geen gezicht meer is.
1:09:35En daarom de keuken maar weer eens vernieuwen.
1:09:37Of de badkamer vernieuwen.
1:09:41Mag het dan niet gezellig zijn?
1:09:43Nou het mag ook wel gezellig zijn.
1:09:45Maar het
1:09:48hele gezin een week van slag omdat er nieuw papier tegen de muur aan moet.
1:09:55Hebt u het er voor over?
1:09:59Als het gaat om het verkwisten van eten.
1:10:03Eet u nog klikjes?
1:10:06De dingen die overgebleven zijn.
1:10:10Het verkwisten van onze tijd.
1:10:15Door met dingen bezig te zijn.
1:10:19Waar de Heere niet mee geëerd is.
1:10:22Het verkwisten van onze talenten.
1:10:26Gemeente, u voelt het wel.
1:10:28Wij verkrijgen naar Gods wil.
1:10:34En wie is dan niet schuldig aan dit gebod?
1:10:41Wat is dan het bloed van de Heere Jezus Christus nodig.
1:10:45Als u beseft dat hij ook dit gebod.
1:10:50Nou volkomen gehouden heeft.
1:10:53Dat het de Heere Jezus was.
1:10:55Wiens spijzen het was.
1:10:57Om de wil van zijn hemelse vader te doen.
1:11:00Het was zijn vreugde.
1:11:03En daarom.
1:11:04De vreugde die hem voorgesteld heeft.
1:11:07Heeft hij het kruis veracht.
1:11:09En de schande.
1:11:13Dat is toch bijzonder gemeente dat hij er alles voor over gehad.
1:11:17Hij heeft niets gehad op deze wereld.
1:11:22Als er mensen bij hem komen en die zeggen wij zullen u volgen.
1:11:26Dan zegt hij de vossen hebben holen en de vogelen des hemels hebben nesten.
1:11:31Maar de zoon des mensen heeft niets.
1:11:34Waar die het hoofd op neerlegt.
1:11:37Als er één voorbeeld is.
1:11:40van iemand die het achtste gebod volkomen gehouden heeft...
1:11:44is het een Heer Jezus Christus zelf.
1:11:47En hij heeft het gedaan.
1:11:49Uit liefde tot zijn hemelse vader.
1:11:54Wij verkrijgen naar Gods wil onze tweede gedachte.
1:12:00We gaan naar onze derde gedachte.
1:12:02Wij gebruiken tot Gods eer.
1:12:07En dan is het de Heer Jezus die aanspoort om...
1:12:12Trouw te zijn en getrouw te zijn.
1:12:16En hij gebruikt daar een hele opmerkelijke gelijkenis voor.
1:12:21Zoals we die met elkaar gelezen hebben in Lukas 16.
1:12:25De gelijkenis van de ontrouwe rentmeester.
1:12:30Hij is ontrouw.
1:12:33En de eigenaar die komt daarachter.
1:12:36Zijn meester komt erachter.
1:12:38En daarom wil hij hem ontslaan.
1:12:41En wat gebeurt er?
1:12:43De rentmeester roept allerlei schuldeisers.
1:12:46Roept zich bij hem.
1:12:48Want hij beseft het.
1:12:50Hij kan niet zelf niet graven en te bedelen.
1:12:53Daar schaamt hij zich voor.
1:12:55En daarom roept hij de schuldenaars van zijn heer.
1:12:59En hij zegt tot de eerste.
1:13:00Hoeveel zijt gij mijn heer schuldig?
1:13:02Honderd vaten.
1:13:03Nou schrijf haastig vijftig.
1:13:08Wij zouden zeggen dat is toch een overtreding van het achtste gebod.
1:13:14Hij geeft het goed van zijn meester weg.
1:13:17En zo roept hij de schuldenaars op.
1:13:22En het is ook zijn meester die hem preest.
1:13:25De Heer preest de onrechtvaardige rentmeester.
1:13:29Omdat hij voorzichtig gedaan had.
1:13:32En dan zijn de woorden van de Heer Jezus zelf.
1:13:35Dat de kinderen van de wereld voorzichtiger zijn dan de kinderen van het licht.
1:13:41De
1:13:43kinderen van de wereld voorzichtiger.
1:13:47Dan de kinderen van het licht.
1:13:49Want deze man heeft gedacht.
1:13:52Heeft verder gedacht dan de dag van vandaag.
1:13:56Straks als ik geen rentmeester meer heb.
1:13:59Mijn inkomsten vallen weg.
1:14:01Bij wie kan ik dan terecht?
1:14:03Nou dan kan hij terecht bij die schuldeiser.
1:14:08Waar een schuld lag.
1:14:09En de helft heeft hij vrijgescholden.
1:14:12En die man met die honderd mudden.
1:14:15Die zei schrijf haastig tachtig.
1:14:18Daar kan hij terecht straks.
1:14:21Als hij geen inkomsten meer heeft.
1:14:23En de Heer Jezus prijst de trouw van deze man.
1:14:28De voorzichtigheid van deze man.
1:14:32Getrouw geweest.
1:14:34En laat tegelijk zien dat het onmogelijk is om twee heren te dienen.
1:14:41Om enerzijds de mammon als heer aan te houden.
1:14:45En anderzijds de heren zelf.
1:14:47Het is onmogelijk.
1:14:50De kinderen van de wereld zijn voorzichtiger dan de kinderen van het licht.
1:14:56U weet dat er toch een nieuwe hemel en een nieuwe aarde aanstaande is.
1:15:02U weet het toch dat u vol gods rechte stoel moet verschijnen.
1:15:07En rekenschap moet afleggen van alles wat u in dit leven gedaan hebt.
1:15:11Dat u rekenschap moet afleggen van uw rentmeesterschap.
1:15:18U weet het toch.
1:15:19Het wordt u zondag aan zondag verkondigd.
1:15:22En zo wordt u in iedere preek geplaatst.
1:15:25Volgens rechters toe.
1:15:27Kies nu heden.
1:15:28Wie gij dienen zult.
1:15:30Geen betere heren.
1:15:32Dan deze heren.
1:15:35Die u met alle goed verzorgen wil.
1:15:38En alle kwaad van u weer.
1:15:40Die zijn zoon gegeven heeft.
1:15:43Tot een volkomen verzoening.
1:15:46Kies dan heden.
1:15:48Wie gij dienen zult om zo ook dit gebod.
1:15:51Het achtste gebod.
1:15:53Te doen uit dankbaarheid.
1:15:56Het geloof in de Heere Jezus Christus nodig.
1:16:02Om de geboden te doen uit dankbaarheid.
1:16:06Uit liefde als leefregel der dankbaarheid.
1:16:10En
1:16:12prachtig zoals ook het huwelijksformulier het ons voorhoudt.
1:16:16Dat wij.
1:16:18Naastig zijn in ons goddelijke beroep.
1:16:22Dat
1:16:23betekent ijverig zijn.
1:16:25In het beroep wat wij mogen uitoefenen.
1:16:30Zodat wij ons gezin kunnen onderhouden.
1:16:34In de eerste plaats.
1:16:35Maar in de tweede plaats ook dat wij de armen, de behoeftigen kunnen voorzien.
1:16:42En
1:16:47daarom ook een gebod.
1:16:49Niet alleen een verbod, dat achtste gebod.
1:16:53Maar ook een gebod dat ik mijns naaste nut waar ik kan en mag bevorderen met hem al zo handelen als ik wilde dat men met mij handelde.
1:17:05En daarin boven ook dat ik trouwelijk arbeid opdat ik de nooddruftige helpen mocht.
1:17:16Dat betekent trouw zijn.
1:17:19Gemeente de oude dominee Jonker.
1:17:24Hij was lid in mijn eerste gemeente in Banneveld.
1:17:27Die zei altijd tegen mij.
1:17:29Jongen je hoeft maar één ding te doen.
1:17:32En dat is trouw te zijn.
1:17:35Trouw te zijn in de dingen waartoe de Heer ons roept.
1:17:42Trouw zijn.
1:17:46En dat betekent niet lopen mopperen.
1:17:49Op alles en nog wat.
1:17:52En dat moet mijn vrouw mij af en toe ook corrigeren.
1:17:59Want mopperen wil zeggen ten diepste.
1:18:02U bent het er niet mee eens.
1:18:05Niet mee eens wat de heren u toeschikt.
1:18:11Trouw zijn.
1:18:12Niet de kantjes eraf lopen.
1:18:16Dat als u om acht uur moet beginnen dat u om vijf over acht binnenkomt.
1:18:25Trouw zijn.
1:18:29En niet de baas zijn tijd gebruiken voor privé.
1:18:35En uw verantwoordelijkheid nemen.
1:18:38En verantwoordelijkheid en trouw.
1:18:42Zijn misschien wel de normen en waarden die in onze tijd het meest te lijden hebben.
1:18:52Iedereen verantwoordelijk voor alles.
1:18:57Want als je in je bedrijf een beslissing neemt.
1:19:00Waag het niet om een aantal mensen over het hoofd te zien.
1:19:05Iedereen wil overal over meedenken en begrijpen.
1:19:10Iedereen verantwoordelijk voor alles.
1:19:12Maar niemand voor iets.
1:19:14Want als er dan iets fout gaat.
1:19:17Dan is niemand thuis.
1:19:21En het achtste gebod gebiedt ons.
1:19:25Dat ik mijns naasten nut.
1:19:28Waar ik kan en mag bevorder.
1:19:33Mijn naasten nut.
1:19:38En wie is dan uw naasten?
1:19:42Dat is ook je concurrent.
1:19:45Je concurrent is ook je naasten.
1:19:50Maar dat valt toch niet mee.
1:19:53Of die man die het je zo moeilijk maakt.
1:19:58Om zijn naaste nut te
1:20:02bevorderen.
1:20:06Waar ik kan.
1:20:09Dus gemeente ik hoef niet de hele wereld op mijn nek te nemen.
1:20:15Ik denk altijd aan een prachtige uitspraak van dominee Heemskerk.
1:20:20Die zei toen ik in mijn eerste gemeente kwam in Maartensdijk.
1:20:23Dacht ik dat ik de hele wereld moest redden.
1:20:29Wij kunnen de hele wereld niet redden.
1:20:33Maar bijzonder is het.
1:20:38Daar ik de hele wereld niet op mijn nek kan nemen.
1:20:41Ik kan niet alle armen op mijn nek nemen.
1:20:43Maar bijzonder dat de Heer het dan zo in de kerk heeft beschikt.
1:20:50Dat er een diakonie is.
1:20:52Het is heel bijbels.
1:20:53Wordt ons aangewezen.
1:20:56En dat u daar uw gaven aan kunt geven.
1:20:59En dat het de verantwoordelijkheid is van de broeders diakenen.
1:21:04Het inzamelen van de gaven.
1:21:06Maar ook het uitgeven.
1:21:08Delen van de gaven.
1:21:11Dat neemt een stuk verantwoordelijkheid bij u weg.
1:21:15En dan kunt u zo zeg maar.
1:21:17U gaven geven.
1:21:21Ten nutte van uw naaste.
1:21:27Wanneer het kan.
1:21:29En mag.
1:21:30U begrijpt wel.
1:21:31Dat als er iemand aan de drank verslaafd is.
1:21:35Dan mag u hem geen.
1:21:36Fles jongen je neven geven.
1:21:39Dat mag niet.
1:21:41Omdat het ook niet tot zijn nut is.
1:21:48Maar ik moet met hem al zo handelen, zegt de onderwijzer, als ik wilde dat men met mij handelde.
1:21:56Ziet u?
1:21:58En dat is opmerkelijk.
1:22:00Het is hier positief geformuleerd.
1:22:03Wij hebben een spreekwoord en dat is negatief.
1:22:06Zo gij niet wilt dat met u geschiet, doet dat ook een ander niet.
1:22:12Hoort u het?
1:22:13Dat is negatief.
1:22:17Maar het is voluit bijbels en dat is ook in het jodendom gebruikelen.
1:22:21Die zeggen, zo wat u wilt, doe dat ook een ander.
1:22:29Nou, dan ligt er huiswerk, gemeente.
1:22:32Maar u voelt het wel.
1:22:35Wat is het moeilijk.
1:22:37En wat is het strijdig met mijn vlees.
1:22:40Totdat,
1:22:43totdat de Heere die ware dankbaarheid in mijn hart gaat werken.
1:22:50Gemeente, als ik toch mag weten uit welke grote nood en dood de Heer mij verlost heeft.
1:22:58Als je het mag weten waar de weg heen is.
1:23:04En dat uw zonden vergeven zijn.
1:23:07En dat omwille van het volbrachte werk van de Heer Jezus Christus.
1:23:13Dan krijg je ook oog voor een ander.
1:23:16Dan gaat het er niet meer om.
1:23:18Dat ik zoveel mogelijk goederen verzamel.
1:23:21Dan gaat het er niet meer om dat ik het zo goed mogelijk heb.
1:23:30Maar dan krijg ik mijn naaste op het oog.
1:23:33En wat is het nodig dan gemeente?
1:23:36Dat voor ons eigen leven en voor ons eigen hart de zaak is opgelost.
1:23:44En daar is toch die ware dankbaarheid ingelegen.
1:23:48Dat ik weet hoe groot mijn zonden en ellenden zijn.
1:23:53Dat ik weet hoe ik van mijn schuld verlost ben.
1:23:57En dat vanwege de verdiensten van Christus.
1:24:01En dan komt de dankbaarheid.
1:24:04En dan gun je het iedereen toch?
1:24:07Dan sta je het liefst op de markt.
1:24:09Om het iedereen aan te prijzen.
1:24:12Dan hoeft niet iedereen op de markt te gaan staan.
1:24:15Dan mag het zijn op de plek waar de Heere u gesteld heeft.
1:24:20In de wijk waar u woont.
1:24:23Of de plaats waar u werkt.
1:24:26Of waar uw sociale contacten liggen.
1:24:32Als de Heere uw probleem heeft opgelost.
1:24:36De nood van uw ziel heeft opgelost.
1:24:40Dan is er die ware dankbaarheid.
1:24:45Daarom is het onmogelijk in eigen kracht.
1:24:49Dus worden wij schuldig gesteld vanavond.
1:24:52U,
1:24:53jullie jongens en meisjes en ik.
1:24:59Ervaren wij het ook als schuld.
1:25:01En wij kunnen het zo makkelijk goed praten.
1:25:04En zo makkelijk recht praten.
1:25:07Al onze daden.
1:25:08Maar als wij horen wat de Heer van ons vraagt.
1:25:14En dat in de ware dankbaarheid.
1:25:17Dan is er ook schuld.
1:25:20Dan hebben wij het bloed van de Heer Jezus Christus nodig.
1:25:25Tot verzoening.
1:25:26Dan hebben wij nodig het zien op Jezus.
1:25:31Ik gebruik maar een titel van het prachtige mooie boek van Isaac Ambrosius.
1:25:36Het zien op Jezus.
1:25:39Dat hij het is die zichzelf heeft weggecijferd.
1:25:44Zichzelf heeft vernietigd.
1:25:47De gestaltenis van een dienstknecht heeft aangenomen.
1:25:52En dat alles...
1:25:54Omwille van de vreugde die hem was voorgesteld.
1:25:59De hemel die hem geopend werd.
1:26:03En dat hij een schare zag die niemand tellen kon.
1:26:10Om de drie enige God groot te maken.
1:26:14Tot in alle eeuwigheid.
1:26:18Hij gaf zichzelf.
1:26:20Voor
1:26:22nette, degelijke, keurige kerkmensen.
1:26:27Nee, voor
1:26:30vijanden.
1:26:32Vijanden worden met God verzoend.
1:26:35Nee, dan zegt u maar niet meer.
1:26:37Ik maak mij niet schuldig aan het achtste gebod.
1:26:42Ook het achtste gebod.
1:26:43Trouwens, die één gebod overtreedt.
1:26:46Overtreedt al de geboden, zegt het woord.
1:26:51Schuldig.
1:26:52Maar onbegrijpelijk.
1:26:55Dat hij mij niet meer aanziet in mijzelf.
1:26:58Als ik het oog mag slaan.
1:27:01Op de Heere Jezus Christus.
1:27:03Hem door het geloof mag omhelzen.
1:27:06In de belofte van het woord.
1:27:09Dan ziet hij mij niet meer in mijzelf aan.
1:27:12Maar in zijn zoon.
1:27:14Dan ziet hij geen schuld meer.
1:27:16Geen overtreding meer.
1:27:18Dan ligt het vlak.
1:27:20Ligt het vlak gemeente.
1:27:22Tussen u en uw ziel.
1:27:26Omdat hij zijn leven gaf.
1:27:30Volkomen.
1:27:33Aan de wil van zijn hemelse vader.
1:27:37Dan mag ik ook het achtste gebod doen.
1:27:43Gun door het geloof in Christus krachten.
1:27:47Om ook het achtste gebod te doen.
1:27:51Uit dankbaarheid.
1:27:53Amen.
1:27:54Wij
1:27:58gaan zingen uit Psalm 7.
1:28:02Tweede vers, mijn God, zo ik immer heb bedreven, het boze stuk mij aangevreven, het onkreukbaar recht ooit heb gefnuikt en
1:28:14een oneven schaal gebruikt of kwaad voor goed heb toegewogen en mijn vregen nood bedrogen, hem heb ik zelfs het gevaar ontrukt die mij ten onrecht had
1:28:26verdrukt.
1:28:27Zo moet mijn vijand op de hielen mij volgen.
1:28:32Ja geheel vernieuwen.
1:28:34We noemden u het tweede en het derde vers uit psalm 7.
1:28:38[GEZANG]
1:34:11Laten wij eindigen met dankgebed.
1:34:16Heren we zeggen u naammoedig dank.
1:34:19Dat u ons uw woord geeft.
1:34:21Dat u ons uw wet geeft.
1:34:24En u geeft die wet tot
1:34:28onderwijzing.
1:34:31Tot ontdekking.
1:34:33Maar u geeft ook uw wet.
1:34:36Als leefregel van de dankbaarheid.
1:34:39En geef dat wij in die ware dankbaarheid zouden leven.
1:34:47Dan doet het des te meer pijn.
1:34:50Als we zien dat wij uw geboden overtreden.
1:34:56O heren.
1:34:59Ontdek door de werking en de kracht van uw heilige geest.
1:35:05Dat wij wetsovertreders zijn.
1:35:10Verbondsbrekers.
1:35:12Maar dat er nou vergeving, verzoening is.
1:35:16In het allesreinigende bloed van uw Zoon.
1:35:21Ga met ons de nieuwe week in.
1:35:24En help ons bij ons werk.
1:35:28Het werk in de maatschappij, in de economie.
1:35:33Het werk in de zorg.
1:35:36Het werk op school.
1:35:39Het ambtelijke werk.
1:35:41Het kerkvolgdelijke werk.
1:35:44Het werk van de Commissie 219.
1:35:49Heren, in alles zijn wij afhankelijk en we bidden om uw nabijheid, uw onmisbare zegen.
1:35:57Heren, gedenk nog naar de grootheid van uw genade en de veelheid van uw goede tierenheid.
1:36:07Omring ons met uw trouwe vaderzorg.
1:36:12In bijzonder in deze week van voorbereiding, heren, geef gelegenheid en genegenheid.
1:36:21Om nou onszelf te beproeven.
1:36:25Het kan alleen door de werking en de kracht van uw heilige geest.
1:36:32Maar ook als er dan in de gemeente gelegenheid geboden wordt.
1:36:37En een bezinningsuur gehouden wordt.
1:36:40Heere werk dan nog.
1:36:43En opdat u alle lof en alle eer zou ontvangen.
1:36:50Ontferm u over ons.
1:36:52Dat bidden wij van u.
1:36:54Om Christus wil alleen.
1:36:58Amen.
1:36:58Als
1:37:02slotsang zingen wij op Psalm 148 het vierde vers.
1:37:06Loof kruipend wild en tamgediert.
1:37:10Looft vogels hem die het alles bestiert.
1:37:15En wat er verder volgt, vierde vers uit Psalm 148 als slotsang.
1:37:21Ga
1:37:21[GEZANG]
1:39:54dan in vrede naar uw woningen.
1:39:56Verheft uw harten tot God en ontvang de zegen des Heren.
1:40:01De genade van onze Heer Jezus Christus.
1:40:05De liefde Gods.
1:40:07En de gemeenschap van de Heilige Geest.
1:40:10Zij en blijven met u allen.
1:40:14Amen.
1:40:15[GEZANG]